Blog

  • Aris Purnomo (Boja)

    Eerder heb ik het al benoemd dat ik vooral op cognitief gebied nog best wat stappen te zetten heb. Naast een sterk verminderd concentratievermogen, minder energie, minder kunnen opnemen van prikkels, minder taken tegelijk te kunnen uitvoeren en het minder goed uit woorden te kunnen komen omdat ik deze soms simpelweg vergeet, uit dit zich met name in het minder goed kunnen onthouden en het overzicht houden van planning technische zaken. Als je mij zou vragen hoe bijvoorbeeld vorige week dinsdag er uit zag, dan zou ik het je zonder een blik in mijn agenda te werpen niet kunnen vertellen. Dit is ook één van de redenen dat de insteek van de blog over mijn reis naar Indonesië afwijkt van alle andere keren. De vorige keren hield ik voornamelijk een blog bij voor anderen, ditmaal doe ik dat voornamelijk voor mijzelf met als hoofdreden de kostbare beleefde indrukken, inzichten, ervaringen en emoties van deze toch ook kostbare reis niet verloren te laten gaan. Het bijhouden van Facebook kost echter ook tijd en energie en vanwege een te druk weekeinde schort het er momenteel met name van het laatste aan. Mensen zullen inmiddels wel in de gaten hebben dat ik structureel twee dagen ‘achterloop’. In het begin ging dat nog, maar gezien de vele indrukken en het lage energielevel en een sterk verminderd concentratievermogen merk ik tot mijn grote schrik dat ik steeds meer moeite krijg mij nog, hetgeen zich twee dagen geleden allemaal heeft afgespeeld, voor de geest te krijgen. Hoewel dit bericht over zondag gaat, besluit ik daarom vandaag (dinsdag dus) pas op de plaats te maken: even geen familiebezoek, maar een balansdagje waardoor ik Facebook kan bijwerken, wat wasjes kan draaien, een bezoek aan Purwodadi (Luwes Mall en BNI kantoor omdat Internetbankieren nog niet werkt) kan brengen en verder kan rusten. Weer twee dagen terug in de tijd: voor ‘vandaag’ (eigenlijk dus voor eergisteren) had ik dus op verzoek van de familie een auto gehuurd. De familie zou mij om 6.00 uur vanaf mijn hotel ophalen. Toen ik ‘gister’ naar bed ging, besloot ik desondanks geen wekker te zetten. Elke ochtend rond een uurtje of 4.00 zat ik immers toch al rechtop in mijn bed, omdat er in de gehele kampong diverse muezzins om het hards oproepen naar hun gebed te komen. Wat mij betreft wint de overbuurman het altijd, maar dat komt uiteraard omdat die zich het dichtst bij mij bevindt. Zo ook ‘vandaag’ schoot ik weer recht op in mijn bed. Er klopte echter iets niet: het was namelijk angstvallig stil… Na een blik op mijn telefoon sprong ik verschrikt mijn bed uit: 5.55 uur, hoe kon dat nou? Zou ik soms door al het gezang heen zijn geslapen? Dat leek mij onmogelijk: het gezang klinkt elke ochtend harder dan wel vier wekkers bij elkaar. Hoe het ook zij… Binnen 5 minuten (!) had ik mijn tas voor vandaag klaargemaakt, was ik wakker gedoucht (lang leve de koude douche), was ik aangekleed, had ik mijn tanden gepoetst (zowel boven als onder deze keer, dus er is zeker sprake van progressie), had ik beide oksels voorzien van deodorant en had ik mijn bed en mijzelf opgemaakt om vervolgens om 6.35 uur een appje te ontvangen van Ratna: “Morning… How did you sleep? Are you ready for today? But I will be at your place about 20 minutes from now, I need to buy some diapers for my daughter ☹.” Uiteindelijk stond de familie om 7.00 uur voor de deur. “Selamat datang di Indonesia!” schoot me nog even door het hoofd, maar ergens vond ik het wel jammer dat het zo was gelopen. Ismanto had iets voor zevenen de bus naar Jakarta gepakt en achteraf gezien hadden we die nog best even kunnen uitzwaaien… Desondanks togen we vol goede moed naar Pasar Demak waar we zus Anik (spreek uit: Annie) van haar werk zouden ophalen. Anik heeft daar een kraampje, zoals zus Arti een kraampje had op Pasar Godong, zie https://staging.dondorp.nl/bokito/ en hoewel ze vrij had genomen voor vandaag had ze toch vanaf openingstijd (4.30 uur) tot nu (8.00 uur) gewerkt om toch nog wat inkomsten voor vandaag te creëren. Vanaf Pasar Demak reden we door naar Semarang waar we bij zus Eny (spreek uit: Ennie) en haar nieuwe man Joko (spreek uit: Djokkoo) zouden ontbijten. Eny en Joko zijn de fotomodellen van de familie (zie foto’s). Hun hele huis hangt ook vol met foto’s van henzelf. Over foto’s gesproken: bij Ibu thuis hing een foto aan de muur waarop Lin, Emelie, Mark en ik stonden. Het is dezelfde foto die de hele wereld over ging toen het verhaal hoe Lin, Emelie, Mark en ik elkaar vonden wereldnieuws werd. Ibu heeft de foto altijd gekoesterd, maar toen haar huisje tot aan de grond toe afbrandde, ging de foto tot verdriet van de familie verloren. Ik had daarom 11 ingelijste exemplaren meegenomen (voor elke Indonesische broer en zus één), zo ook voor Eny. Prompt werd een foto van Joko van de muurgehaald: deze moest plaatsmaken voor de foto van Emelie, Lin, Mark en mij. Ik meende me nog te herinneren dat cantik (spreek uit: sjantie) ‘knap’ betekende (tijdens een vorig bezoek aan Indonesië klonk dit namelijk veelvuldig overal waar Joanne verscheen), dus toen Joko mij ter begroeting een hand gaf wees ik naar zijn verwijderde foto met de woorden: “Ah, kamu pasti Joko. Menantu paling cantik di keluarga!” waarop iedereen, inclusief Eny en Joko zelf gelukkig, prompt in een deuk lag. Een beetje teleurgesteld (ik had nog zo geoefend) keek ik niet begrijpend in het rond: het voelde alsof ik weer per ongeluk een broodje sperma had besteld (zie https://staging.dondorp.nl/kuta/. Ratna legde mij, nog altijd gierend van het lachen, uit dat ‘cantik’ alleen wordt gebruikt bij vrouwen en dat het bij mannen ‘tampan’ moet zijn. Ja, dat vertelt Google Translate er natuurlijk niet bij als je het gebruikt ter voorbereiding op ‘de juiste’ openingszin. Eny gaf mij een bananenblad met zulke scherpe (!) rijst dat ik vreesde voor mijn verdere dagbesteding (waarschijnlijk een halve dag toiletteren), maar na slechts een paar happen werd het bord mij (gelukkig) weer uit de handen gegrist. Ratna legde mij uit dat Aris Purnomo had gebeld. Hij was voor ons allemaal aan het koken, dus van Aris Purnomo mochten we niet (meer) eten. Met een auto vol familie togen we daarop dankbaar door op weg naar broer Aris Purnomo. Het werd een vermoeiende rit. Het straatbeeld werd wat eentonig, en voor Nederlandse begrippen (niet voor Indonesische begrippen) was het bijzonder druk op de weg. We stonden daarom vaak en lang stil. De familie deerde dit niet: ze had onderling de grootste lol. Uiteraard kreeg ik nergens iets van mee, maar na twee uren zeer intens Javaans gelach en horendol gekwebbel (luister naar https://1drv.ms/u/s!AoeIH-BDcFrHxK5inmhiCtF_d0SDeg?e=VZ2xib voor een voorbeeld) werd het mij bijna te dol. Gelukkig kwamen we uiteindelijk aan bij Aris Purnomo. Ik opende mijn armen om Purnomo ter begroeting te omhelzen, maar tot mijn verbijstering ging Purnomo op één knie zitten, greep met beide handen mijn rechterhand en legde deze tegen zijn gebogen voorhoofd aan, terwijl hij in tranen iets in het Javaans prevelde. Zeer opgelaten keek ik niet begrijpend Ratna aan, die mij (ook zichtbar geschrokken) echter met een intens strenge blik ‘later’ toefluisterde of min of meer zelfs toesnauwde. ‘Later’ bleek gelukkig direct erna. Het eten werd opgediend en toen we aten vertelde Ratna mij dat ze zelf ook verbaasd was: dit had ze Purnomo nog nooit zien doen, laat staan in het bijzijn van anderen. Terwijl ze mij bijna, met in mijn ogen misplaatst ontzag, aankeek merkte ze op dat ik een bijzonder uitwerking had op familie. Wederom zeer opgelaten vroeg ik wat er dan zojuist was gebeurd. Ratna legde me uit dat Purnomo mij ontzettend dankbaar was voor het geld dat ik hem had gestuurd in 2021 en dat Purnomo mij zojuist had bedankt voor het redden van zijn leven. Dat behoeft enige uitleg. Tussen mijn reizen naar Indonesië door, blijf ik zoveel mogelijk contact houden met familie in Indonesië. Zo ook in 2021, alleen zet ik dit niet altijd op Facebook. In 2021 kreeg ik in het Javaans plotseling een bericht van Hidayah, Aris Purnomo’s vrouw. Ik kon destijds niets van dit bericht maken, behalve dat het bericht vergezeld werd door heel veel huilende emoticons. Destijds had ik de familie gevraagd wat er aan de hand was, maar de familie bleef zeer terughoudend en wilde eigenlijk niets loslaten. Aanvankelijk besloot ik het toen te laten, maar niet lang daarna stuurde Hidayah mij foto’s waarop verschillende hondenkennels op een rij te zien waren. In deze hondenkennels zaten mensen vastgeketend en tot mijn afgrijzen herkende ik in één van hen Aris Purnomo. Hevig geschrokken vroeg ik de familie wederom om advies en toen kwam het hoge woord er uit: Aris Purnomo had met zijn motor een verkeersongeval veroorzaakt, waarbij de tegenpartij om het leven was gekomen. Hij zat daarvoor in de gevangenis en de nabestaande van de overlevenden wilde de aanklacht alleen intrekken als ze geld zagen: heel veel geld. Geld dat Hidayah niet had en wanhopig als ze was had ze contact met mij opgenomen. Omdat de familie hier niet trots op was, had ze de situatie aanvankelijk voor mij verborgen willen houden. Hoewel het geldbedrag ook voor ons hoog was, hoefden Ilse en ik niet lang na te denken. Na het zien van de foto en een Google zoektocht naar omstandigheden in Indonesische gevangenissen boekten wij het geld over waarna Aris Purnomo inderdaad vrij kwam. Blijkbaar was hij dit nog niet vergeten. Tot mijn verbazing hadden we het eten nauwelijks op, of Ratna gaf aan dat we alweer zouden vertrekken. Toen ik er over nadacht, begreep ik het wel: we hadden nog een terugreis van zo’n drie-en-een-half uur voor de boeg. Ratna was zichtbaar ergens om verlegen en toen ik haar vroeg wat er aan de hand was, vertelde ze me dat het een Javaanse gewoonte was dat men bij bezoek aan verwegwonende broers of zussen (daar viel Aris Purnomo ook onder omdat de familie Aris Purnomo ongeveer twee keer per jaar bezochten) hun kinderen geld gaven. De twee kinderen van Aris Purnomo waren reeds naderbij gekomen omdat Ratna ons vertrek had aangekondigd, maar men bleek geen of onvoldoende geld mee te hebben. Of ik misschien kon helpen. Uiteraard kon ik dat en op advies van Ratna gaf ik beide, overigens al wat oudere, kinderen van Aris Purnomo (Arda en Risya) 100.000 IDR (ongeveer 5 euro), Aris Purnomo zijn foto van Emelie, Lin, Mark en mij, waarna we na een laatste fotosessie hartelijk afscheid namen. Ander-half uur later zetten we Eny en Jokko weer bij hen thuis af in Semarang, waarna we ons naar een klein winkeltje Batik Benang Ratu begaven. Ik had Ratna verteld over mijn kledingmissie voor Ajanna en Joanne en zij dacht dat we daar wel konden slagen. Voor Ajanna en ook voor mijn vader kon ik inderdaad wat leuks vinden, maar helaas bleek Joanne buiten de standaard Indonesische maten te vallen. Voor haar zal ik later nog eens verder zoeken. We reden vanuit Semarang in een uur door naar Demak waar we Anik weer bij Pasar Demak afzetten en vanuit daar reden we in nog eens twee uur terug naar Godong. Nurul wilde heel graag nog Bakso eten in een lokaal eettentje, maar toen we dat achter de kiezen hadden werd ik eindelijk weer bij mijn Hotel afgezet. Oververmoeid ging ik direct in bed liggen waarna ik tot de volgende ochtend 4.15 uur (ja, toen deden de Islamietische wekkers het weer wel) als een blok in slaap viel. Tim Dondorp

    Geplaatst door Godong Indonesie op Dinsdag 7 februari 2023
  • Ismanto

    Vandaag is het zaterdag. Naar Nederlandse begrippen betekent dat weekend, maar hoewel veel kantoren hier zaterdag inderdaad gesloten zijn, hanteren de meeste Indonesiërs een zesdaagse werkweek. Normaliter werkt mijn familie dus ook op zaterdag, maar voor de gelegenheid hadden veel familieleden vandaag vrij gehouden om gewoon gezellig met zijn allen bij elkaar te liggen, lopen, dan wel zitten niks te doen. Dit gebeurt dat min of meer ‘in processie’. De familie verzamelt zich eerst bij het huis van zus Rina. Er wordt gegeten, gedronken, gelachen en gepraat waarna het hele verhaal zich achtereenvolgens herhaalt in het huis van zus Arti (waar nu dus zus Nuryati verblijft), het huis van Ismanto en tenslotte voor het laatst in het nieuwe huis van Ibu dat al zover gevorderd is dat het zich al uitstekend leent voor een gezellig familiesamenzijn. Naast aanwezige broers en zussen van wie ik uiteraard allemaal naam en achtergrond ken, ontmoette ik ook veel schoonzussen, zwagers, neven en nichten en ik was blij dat ik mij ook van hen de naam, hun plaats in de familiestamboom en hun werk of studie voor de geest kon halen. Een mooi resultaat dat dankzij inmiddels zes (!) familiebezoeken tot stand is gekomen. Ik herinner me nog goed mijn verdriet en mijn telleurstelling te herinneren toen ik de Spoorloos uitzending (zie https://spoorloos.timdondorp.nl, wachtwoord: hunt4heru) voor de allereerste keer bekeek omdat de namen, verhalen en achtergronden van de meeste gezichten die ik zag mij onbekend waren. Het was de hoofdreden dat ik zo snel na de Spoorloos uitzending besloot terug te keren naar Indonesië om een paar weken op de kampong te verblijven om mijn familie te leren kennen. Wat een verschil met nu. Wederom mocht ik vandaag ervaren hoe hecht de band met mijn biologische familie inmiddels is geworden. Het besef dat ik inmiddels echt onderdeel uitmaak van deze familie maakt dat ik mij blij, vereerd en gewaardeerd voel. Omdat ik echter ook een gezin en familie in Nederland heb voel ik me tegelijkertijd schuldig, verward en in zekere zin ook éénzaam. Tijdens diverse bijeenkomsten van bijvoorbeeld stichting Stichting Mijn Roots maar ook bij sessies met adoptiecoaches waar veel geadopteerden uit Indonesië samenkomen/ aan deelnamen, heb ik namelijk wel eens getracht te polsen of ik de enige ben met deze tegenstrijdige gevoelens. Slechts enkele geadopteerden hebben aangegeven zich hierin enigszins te herkennen: de meesten die ik heb mogen leren kennen zijn met name (nog) volledig gefocust op het vinden van hun biologische ouders, al dan niet met hulp van een adoptiecoach op zoek naar handvatten om om te gaan met mislukte zoektochten of naar (wederzijds) erkenning, herkenning en begeleiding omtrent andere (bekende) problematieken bij adoptie. Mijn ervaring leert dat er nog weinig aandacht is voor identiteitsproblematieken die zouden kunnen ontstaan nadat een zoektocht naar biologische familie daadwerkelijk slaagt. Mochten er geadopteerden en/ of adoptiecoaches (Hartini Van Rijssel, Yudi Hoekstra en/ of Maarten van Zwieten van adoptiekern.nl wellicht) meelezen: ik zou graag eens willen weten of er wellicht (professionele) hulp beschikbaar is bij eventuele (identiteits)problematieken die ontstaan na of naar aanleiding van het vinden van biologische familie. Aan het einde van de ochtend had ik me teruggetrokken in mijn hotel. Terugdenkende aan de verkregen inzichten bij Revalidatie Friesland en aan gisteren besefte ik mij namelijk dat regematig rust en ontspanning nog altijd noodzakelijk waren, wilde ik het einde van de dag halen. Ik merkte op dat sociale activiteiten zoals familiebezoeken mij heel veel energie kostten. In Nederland is een bezoek van meer dan twee uur mij eigenlijk al te veel, maar hier in Indonesië is de top eigenlijk nog sneller bereikt. Met enige zorg keek ik dan ook op tegen morgen (zondag). Zoals gezegd is morgen een echte vrije dag. Op verzoek van mijn familie had ik voor morgen dan ook een auto gehuurd. Samen met zus Nurul, zus Ratna en haar man, zus Anik die we uit Demak zouden ophalen, zus Eny en haar man die we uit Semarang zouden ophalen, zouden we morgen namelijk een bezoek aan broer Aris Purnomo brengen. Purnomo woont in Boja en van de vorige keer (zie https://staging.dondorp.nl/boja/ wist ik dat we inclusief het ophalen en terugbrengen van genoemde familieleden minimaal drie uur heen en minimaal weer drie uur terug in de auto zouden zitten. De mogelijkheid om morgen tussendoor te rusten zal er ongetwijfeld niet zijn. Omdat ik reeds opgehaald zou worden om 6.00 uur ’s ochtends zou het morgen dus een lange dag worden en dat baatte me nu al zorgen. Gelukkig was het nog niet zo ver. Halverwege de middag besloot ik voldoende te hebben gerust. Ik wilde graag naar Luwus Mall in Purwodadi. Joanne en Ajanna hadden mij namelijk gevraagd een batiek jurkjes voor hen mee te nemen. Normaliter koopt Ilse altijd kleding voor de meiden, maar ja: Ilse is helaas niet hier in Indonesië. Blijkbaar had ik het de vorige keer (zie https://staging.dondorp.nl/purwodadi-mall-luwes-2/ niet eens zo slecht gedaan, want ‘mijn vrouwen’ hadden het volste vertrouwen in mij. Dat vertrouwen mocht ik uiteraard niet schaden. Ik stond dan ook op het punt een Grab-taxi naar Purwodadi te reserveren, toen ik van neef Nuris plotseling het bericht kreeg dat broer Ismanto onverwachts morgenochtend om 7.00 voor twee weken naar Jakarta zou vertrekken. Hier schrok ik wel van: dat zou namelijk betekenen dat ik Ismanto niet meer zou zien. Mijn plan naar Luwus Mall te gaan liet ik dan ook snel varen. In plaats daarvan sprong ik op mijn fiets om onaangekondigd deze avond nog afscheid van Ismanto te nemen. Omdat Ratna niet meer op de Kampong was, veronderstelde ik dat het afscheid van Ismanto wegens beperkte communicatiemogelijkheden maar kort zou zijn. Tot mijn grote vreugde bleek neef Nuris echter bij zijn moeder (zus Nuryati) in het huis van zijn tante (zus Arti, hopelijk is alles nog steeds te volgen) te blijven overnachten. Op verzoek van Ismanto kwam hij dan ook bij ons om te vertalen. Ismanto sprak zijn waardering uit dat ik op eigen initiatief bij hem langskwam om afscheid te nemen en hij gaf aan mij bijzonder dankbaar te zijn dat ik nu al zes keer de familie in Indonesië had bezocht. Ismanto maakte zich als hoofd van de familie zorgen over de band met de rest van de familie in Europa. Hij had net als Ratna graag meer contact gehad met Mark, Lin en Emelie, maar hij begreep dat dit wegens de taal lastig is. Ismanto heeft zelfs geprobeerd Engels te leren, maar na een aantal pogingen begreep hij dat dit voor hem te moeilijk was en is hij daarmee gestopt. Ismanto zei hierdoor wel te erkennen dat het voor mij dan weer lastig is Indonesisch te leren. In de periode voordat ik naar Indonesië ging, hebben Ismanto en ik echter steeds meer via WhatsApp gecommuniceerd. Ismanto typte dan in het Indonesisch en omdat ik een API heb ontwikkeld waarmee mijn Engelstalige antwoorden automatisch door Google Translator worden vertaald naar Bahasa ging dit verrassend vloeiend en vlot. Ismanto vertelde mij dat hij daar erg blij mee was, maar Nuris legde daarbij nog extra uit dat hij eigenlijk zijn waardering uitsprak dat ik de Javaanse traditie in ere had hersteld door de hoofdcommunicatie niet meer grotendeels alleen via Ratna (de jongste van het gezin en dus de ‘de laatste’) of zelfs via Nuris (de 2e generatie), maar via Ismanto (de oudste van het gezin en dus ‘de eerste’) te laten verlopen. Mijn antwoord op Isanto’s vraag hoe vaak ik in Zweden was geweest om Lin en Emelie te bezoeken (vijf keer) verbaasde hem zeer: ik was dus vaker in Indonesië dan in Zweden geweest? Ismanto was blij dat ik zoveel investeerde in familie en hij noemde mij zelfs de ‘Europese Ismanto’: zijn taak als familieverbinder kon hij in Europa niet waarmaken en hij vertelde mij dat hij in mij als familieoudste in Europa dan ook een belangrijke plaatsvervanger zag en dat hij dankte mij vervolgens dat ik daar ook naar handelde. Of dit inderdaad ook zo is weet ik niet, maar ik vertelde hem wel dat Ibu Maryati mij ooit gevraagd heeft de familie nooit te vergeten, ook niet als zij eenmaal gestorven was. Ik vertelde Ismanto mijn belofte daarop aan Ibu (zie https://staging.dondorp.nl/afscheid-van-de-familie-4/ en dat ik er alles aan zou doen om mij aan deze belofte te houden: zowel in Indonesië, als in Zweden, als in Nederland en indien mogelijk zelfs als in de dood. Hierna namen we geëmotioneerd afscheid van elkaar. Mij in stilte afvragend of het weer drie jaar zou duren wanneer wij elkaar zouden zien, fietste ik weemoedig weer terug naar mijn hotel. Tim Dondorp

    Geplaatst door Godong Indonesie op Zondag 5 februari 2023
  • Diabetes in Indonesië

    Aan het einde van de ochtend merkte ik dat mijn energie op was en dat ik moest rusten. Toen ik daarom aankondigde dat ik weer naar huis wilde gaan, liet Ismanto tot mijn grote blijdschap mijn fiets brengen. Inmiddels meer dan vier jaar geleden had ik de fiets vanuit Nederland geëxporteerd naar Indonesië en sinds het afscheid destijds van de familie (zie https://staging.dondorp.nl/afscheid-van-de-familie-4 staat de fiets bij Ismanto thuis op mijn terugkeer te wachten. De fiets was tussendoor wel gebruikt. Waarschijnlijk door een jonger kind want toen ik wegfietste bleek het zadel zo laag te zitten dat mijn knieën boven het stuur uitkwamen. Gelukkig was ik hierop voorbereid: terug in mijn hotel dook ik in de kast om tussen mijn bagage en alle muggen door die ene inbussleutel die ik had meegenomen op te vissen. Laat nou net deze ene inbussleutel passen op de stelschroef van het fietszadel. Na het zadel maximaal te hebben verhoogd, was ik de koning te rijk! Mijn vermoeidheid was als sneeuw voor de zon verdwenen en ik besloot op mij oude vertrouwde fiets eens flink op verkenningstocht te gaan in de kampong. De kampong bleek veel groter dan ik ooit kon vermoeden. Hoewel de huizen veel minder luxe zijn dan in Nederland en het straatbeeld veel armoediger, ongeorganiseerder en rommeliger oogt doordat mensen veel dichter op elkaar wonen, begrijp ik wel dat mensen hier gelukkig kunnen zijn. Het leven hier is als leven in één groot gigantisch uitgestrekt doehetzelfkamp/ kindertimmerdorp voor volwassenen en dan niet voor één (kamp)week, maar voor een heel leven lang… De vreugde was naar mijn idee van veel te korte duur: ik kwam mijzelf keihard op die fiets tegen. Fietste ik vier jaar geleden nog moeiteloos vele uren tientallen kilometers achterelkaar, nu was ik na nog geen halfuur fietsen helemaal buiten adem. Ook kreeg ik geen overzicht meer in het bijzonder druk en ronduit gevaarlijke verkeer (zie https://staging.dondorp.nl/radjimans-graf/. Teleurgesteld moest ik daarom wel vaststellen dat het nu eigenlijk te gevaarlijk was om door het drukke verkeer in Godong te fietsen (zeker buiten de beschermde omgeving van de kampong) en dat er nu een hele andere versie van mij in Indonesië is, dan vier jaar geleden. Destijds had ik nog geen corona gehad, nog niet op een IC gelegen, was ik cognitief gezond zodat ik hier veel meer durfde te ondernemen en had ik (zover mij althans bekend) nog geen diabetes. Diabetes is in Indonesië een groot probleem: Indonesië is het vijfde land ter wereld met de meeste diabetes patiënten. In totaal 20 miljoen van de 180 miljoen inwoners hebben diabetes wat dus neerkomt op een prevalentie van 11 procent. Tot die 11 procent hoort ook een groot deel van mijn biologische familie. Bapak Radjiman, Ibu Maryati, verscheidene broers en zussen hadden/ hebben het en ik zelf dus ook. In Nederland heb ik mijn bloedsuikers aardig tot goed onder controle door consequente voeding. Zolang ik mij aan het door mijzelf samengestelde voedingspatroon houd weet ik inmiddels wel wat, wanneer en hoe mijn bloedsuikers veranderen en zich t.o.v. het één en ander verhouden. In Indonesië is dat echter een heel ander verhaal. Ik ging naar Indonesië met het voornemen om geen, dan wel zo weinig mogelijk, rijst te eten. Rijst, en dan met name de witte rijst die hier in Indonesië verreweg het meest wordt gegeten omdat deze het goedkoopste is, heeft immers heel veel koolhydraten en weinig tot geen vezels waardoor de glycemische index (GI) hoog is. Technisch verhaal, dat er kortgezegd op neer komt dat rijst eten met diabetes niet verstandig is. Geen of weinig rijst of zelfs alleen maar verantwoordelijk voedsel eten in Indonesië, blijkt in Indonesië echter onmogelijk te zijn. Zeker als je familie je op elk moment van de dag ongevraagd eten en drinken met zeer veel calorieën en/ of zeer veel suiker (soms twee overvolle eetlepels suiker in een glas thee) aanbiedt. Ik had gedacht dat mijn familie meer rekening zou houden met diabetes, al was het alleen al omdat het merendeel van mijn familie zelf ook diabetes heeft. Niets bleek minder waar. Dat is ook precies het probleem in Indonesië in algemene zin. Diabetici leven niet naar de ziekte en weten niet wat de (uiteindelijke) consequenties daarvan kunnen zijn. Zelfs niet als ze er van getuigen zijn hoe diabetes het leven van directe naasten beinvloed of uiteindelijk zelfs beëindigd heeft (zoals bij Bapak Radjiman en Ibu Maryati). Naast gebrek aan kennis en bewustwording, hebben velen ook niet de economische mogelijkheden om hun leven op diabetes aan te passen. Diabetes behandelen kost namelijk geld: structureel moeten er medicijnen, insulinemeters en/ of duurdere etenswaren worden gekocht. Dit (extra) geld is voor veel Indonesiërs (bijna de helft van de totale bevolking moet van minder dan twee euro per dag leven) niet beschikbaar. Mocht het geld wel beschikbaar zijn, dan betekent dit in Indonesië dat je door het betalen van structurele behandelingen minder productief zult zijn voor je familie en dat de kans dat je daarmee je familie eerder tot last zult zijn zal worden vergroot. Zolang men niets voelt of ziet denkt men dat diabetespreventie of -behandeling niet belangrijk is, maar op het moment dat hier verandering in komt is het meestal al te laat. Diabetes wordt dan ook als de nummer één sluipmoordenaar gezien in Indonesië. Hoewel bij een groot gedeelte van mijn familie diabetes is gediagnostiseerd, heeft ook bij mijn familie niemand (!) zijn of haar levensstijl hierop aangepast en worden suikerbloedwaarden zeer weinig of zelfs nooit (!) gemeten laat staan dat daarop geanticipeerd wordt. Morgen (zaterdag) wordt een ‘echte’ familiedag: veel familie komt naar Godong. Ik zie dan ook echt naar morgen uit. Normaliter houd ik helemaal niet van interessant doen-e-rij, maar voordat ik in slaap viel besloot ik morgen een paar keer op de dag openlijk interessant te doen door mijn bloedsuikers in het bijzijn van familie te gaan meten. Wellicht dat het een (betere) bewustwording van diabetes in gang kan zetten. Tim Dondorp

    Geplaatst door Godong Indonesie op Zondag 5 februari 2023
  • Nieuw huis Ibu

    Naar verwachting is het nieuwe huisje van kakak Nuryati in maart klaar en bewoonbaar. Ik had gezien dat kakak Nuryati nu samen met haar man in het huis van kakak Arti woonde, maar van kakak Arti en haar man Heru zelf had ik nog niets gezien of gehoord en dat vond ik vreemd: bij al mijn vorige bezoeken aan Indonesië lieten zij zich naar mij toe namelijk zeer nadrukkelijk (soms zelfs tot het opdringerige toe) gelden. Toen ik naar kakak Arti en Heru informeerde viel er een stilte die mij net iets te lang duurde, opgevolgd door een korte woordenwisseling tussen Ratna en Ismanto. Uiteindelijk vertelde Ratna mij op een toon die zeer kenbaar maakte dat verdere vragen niet geapprecieerd zouden worden dat kakak Arti niet meer bij de familie op de kampong woonde en dat ze wegens grote problemen ook niet meer terug zou keren. De stille hint ter harte nemende stelde ik geen vervolgvragen, maar ik vond het wel heel vreemd en het voelde alsof mij de toegang tot een biologische zus die mij net zo dierbaar was als mijn andere biologische familie mij werd ontzegd. Ook nu vond ik het ‘Selamat datang di Indonesia’ gênant en pijnlijk voelbaar. Snel van onderwerp wisselend stelde ik de vraag waarom, of eigenlijk voor wie, Ibu’s huisje (zie video) weer werd opgebouwd. Verbaasd was ik van Ismato te vernemen dat dit huis van/ voor Mark, Lin, Emelie en mij bestemd zou zijn. Dit maakte dat ik mij enorm vereerd maar ook verdrietig tegelijk voelde. Ik voelde mij vereerd omdat ik in de toekomst (alleen of samen met Ilse, Ajanne en Joanne) graag in Ibu’s huis zou willen verblijven, maar ik voelde me ook verdrietig omdat ik op de vraag van Ismanto of dat ook voor Mark, Lin en Emelie zou gelden het antwoord schuldig moest blijven. Ik vermoedde wel dat het feit dat Ibu’s nieuwe huisje een tweekamerappartement met een Indonesische keuken, een Indonesische hurktoilet, een Indonesische douche (grote tobbe met tabo) zonder airco betrof, de kans op een ontkennend antwoord zou vergroten. Voor ‘Westerse’ begrippen was Ibu’s nieuwe huisje waarschijnlijk niet luxe genoeg, maar voor lokale begrippen (zeker als ik de huizen in deze kampong bekijk) wel. Op een airco na doet Ibu’s nieuwe huisje niet veel, of zelfs helemaal niet, onder voor de verscheidene Terimah Kost’s (kamers voor tijdelijke verhuur) waarin ik tot noch toe op de kampong heb mogen verblijven. Op de vraag of het niet een goed idee was om Ibu’s nieuwe huisje voor tijdelijke huurders zoals studenten beschikbaar te stellen antwoordde Ratna dat de familie dit zeker heeft overwogen, maar in de praktijk blijkt dat potentiële huurders alleen interesse hebben als er ook een airco aanwezig is. Voor de aanschaf en de installatie van een airco was alleen geen geld (meer) beschikbaar. Het onderwerp Ibu’s nieuwe huisje liet ik hierop rusten, maar de meerwaarde van een airco liet mij niet meer los. Zou het niet fantastisch zijn voor de familie te investeren in een airco zodat ze extra inkomsten uit de verhuur van een huis kunnen genereren? Morgen komt neef Nuris naar de Kampong en wanneer het op geld en familie aankomt overleg ik altijd met Nuris wat verstandig is te doen. Daarom zal ik morgen eens bij Nuris na gaan of hij kan inschatten hoe de familie zou reageren wanneer ik zou voorstellen voor ‘ons’ huisje een airco aan te schaffen… Tim Dondorp

    Geplaatst door Godong Indonesie op Vrijdag 3 februari 2023
  • Nieuw huis Nuryati

    Waarschijnlijk had ik nog wat last van een ‘vliegtuigbeen’ (jetlag), want lange tijd kon ik maar niet in slaap vallen. Het gegeven dat het de hele avond keihard regende (momenteel is het regenseizoen in Indonesië) vond ik best deprimerend en ook het gegeven dat de familie nog niets van zich had laten horen maakte het er allemaal niet beter op. Jetlag of niet, het tijdsverschil brengt wel als voordeel met zich mee, dat ik lekker met Ilse kan bellen wanneer ik niet kan slapen. In Nederland loopt men tenslotte zes uur ‘achter’ op Indonesië. Normaal gesproken beurt Ilse me een beetje op wanneer ik er wat met de pakken bij neerzit, maar het eerste waar ze mee aankwam zetten was dat verschillende mensen haar hadden gecontacteerd me de vraag of het wel goed ging met ons huwelijk. Daar schrok ik een beetje van: momenteel leven we inderdaad wat langs elkaar heen en is er inderdaad een ‘wederzijdse afstand voelbaar’, maar dat het zo erg zou zijn dat wist ik niet. Ik begon al op de achtergrond stiekem ‘op te Googlen’ of relatietherapie door onze zorgkostenverzekering werd gedekt, toen Ilse uitlegde dat deze ‘verschillende mensen’ zekere lezers van deze Facebookblog betreffen. Zij zouden gevallen zijn over mijn opmerking van eergisteren dat de huidige thuissituatie mij momenteel zouden belemmerde de bij Revalidatie Friesland verkregen tips en inzichten efficiënt en consequent toe te passen. Zo zie je maar, dat je dus voorzichtig moet zijn wat je op Facebook plaatst. Tenslotte is alles wat op Facebook ‘heb’ gestaan waar (https://www.facebook.com/watch/?v=527224750779873), niet waar? Laat ik me daarom maar haasten met men gerust te stellen: zover mij in elk geval bekend, is nog geen sprake van een op handen zijnde scheiding. Ilse Dondorp, als jij andere informatie voor handen hebt, zou je mij dan AUB een PM willen sturen? Blijkbaar help een stevige huwelijksevaluatie bij serieuze slaapproblemen: midden tijdens de evaluatie viel ik namelijk eindelijk in slaap. De Imaan trok een plechtig gezicht en een boekje uit zijn smetteloos witte pak: “Ilse Jourica Ketelaar,” zong hij zeer monotoon. “Verklaart gij Heri Setiono aan te nemen tot uw wettige Indo pinda en belooft u getrouw alle plichten te zullen vervullen, die door de Wet met behulp van de huwelijkse pindakaas worden uitgesmeerd dan wel verbonden?” Als in een vertraagde film zag ik hoe de lippen van mijn toekomstige echtgenote zich openden om te antwoorden… Maar wat was dat nou? Ilse zette me daar zo’n grote keel op, dat ik er wakker van schrok. Verdwaasd keek ik op mijn Fitbit Inspire 3. “Ilse, Ilse! Het is half vijf in de ochtend, stop eens met zingen!” hoorde ik mezelf vertwijfeld roepen. “Je zingt zo vals dat ons dit wel eens de bruidsschat kan kosten!” Langzamerhand werd ik wakker waardoor het beeld van Ilse met haar poezelige stem langzaam maar zeer gestaag verdween, in tegenstelling tot het gezang dat in werkelijkheid afkomstig bleek van een muezzin die aan de overkant van de straat door een microfoon (!) zijn أَذَان (oproep tot gebed) over de kampong schalde. “Selamat datang di Indonesia,” dacht ik nog, wetende dat dit tot ongeveer vijf uur in de ochtend zou duren. Dacht ik om vijf uur dan eindelijk te kunnen slapen: stroomt WhatsApp vol met allemaal appjes van familie. O ja, het leven begint hier om vijf uur ’s ochtends: Selamat datang di Indonesia! Of ik wel eens heel snel naar buiten wilde stappen: kakak Ismanto stond mij namelijk reeds op zijn scooter op te wachten. Hij had me uitgenodigd om bij hem thuis koffie te komen drinken. Van rustig opstaan kon geen sprake (meer) zijn. Door snel uit mijn slof te schieten, mijn voeten zonder sokken in mijn schoenen te proppen, alleen wat deodorant onder mijn linker oksel (voor de rechter was helaas geen tijd meer) te spuiten en enkel mijn ondergebit te poetsen voorkwam ik dat kakak Ismanto onverricht ter zake pulang ging (huiswaarts keerde). Ismanto stak ter begroeting zijn hand uit, maar ik negeerde zijn hand en omhelsde hem om te laten zien hoe blij ik was hem te zien. Heel even verstijfde Ismanto waaruit ik opmaakte dat hij dit niet had verwacht, maar vrijwel direct omhelsde hij mij stevig terug. En zo stapte ik net na vijf uur s‘ ochtends over de drempel van Ismanto’s nieuwe huis. Vol trots liet kakak Ismanto mij zijn nieuwe huis zien. Vergeleken met het vorige huis dat meer een veredelde grote tent was, was dit inderdaad een hele grote verbetering. Trots liet Ismanto mij ook de huizen zien van ‘van buurvrouw’ (oudste zus Nuryati) en wijlen Ibu Maryati. Op 23 december jl. had een grote brand in het er naastgelegen benzinestation de huizen van zus Nuryati en wijlen Ibu Maryati volledig platgebrand (zie https://staging.dondorp.nl/brand-pomp-benzine-godong. Ismanto is bouwvakker en samen met familie bouwt hij voor zijn werk de tot aan de grond toe afgebrande huizen helemaal opnieuw op: ditmaal niet van hout, karton en tentdoeken maar ‘gewoon’ van cement, steen en een draagconstructie voor het dak van metal stud (zie https://blkp.co.id/blogs/detail/apa-itu-metal-track–metal-stud-, hetzelfde materiaal dat ik thuis heb gebruikt om voorzetwanden en een onderdak in mijn tuiswerkkantoor te plaatsen om het met glaswol te kunnen isoleren). Terwijl we aan de koffie zaten, belde de één na de andere ‘sibling’ via een videoverbinding in om mij een ‘selamat pagi’ (goedemorgen) te wensen. Het weerzien met de familie had ik me anders voorgesteld, maar het maakte het er zeker niet minder mooi op. Dit is nu de vijfde keer dat ik Indonesië bezoek en het is de eerste keer dat Ibu er niet meer is. Haar afwezigheid voelde als een groot gemis. Hoewel er van Ibu’s oude huisje en al haar herinneringen op een paar verkoolde balken na niets meer over is ademde alles in deze plek Ibu uit: wat dat betreft begrijp ik dat de familie er toch voor heeft gekozen de huizen van kakak Nuryati (zie filmpje) en Ibu Maryati op dezelfde plek te herbouwen. Confronterend was wel dat zonder zus Ratna communiceren met de familie vrijwel onmogelijk is. Net als alle vorige keren besefte ik mij dat ik echt Bahasa zal moeten leren om de verbintenis met mijn biologische familie in stand te kunnen houden. Dit maakte mij vastberaden, maar in zekere zin ook verdrietig. Zeker gezien mijn revalidatie op het cognitieve vlak achterblijft zie ik het leren van een nieuwe taal momenteel als een grote, zo niet te grote, uitdaging. Gelukkig voegde Ratna zich vrij snel bij ons, zodat ze wat kon vertalen. Ismanto zette zijn kopi (kopje koffie) op tafel en nam officieel het woord door met tranen in zijn ogen mijn hand vast te pakken. Tranen hoeven niet vertaald te worden en ofschoon ik niet wist waarom Ismanto’s tranen vloeiden, vloeiden onze tranen in stilte samen. Ismanto vertelde mij dat de hele familie zich enorm veel zorgen had gemaakt toen Ilse berichtte dat ik met corona op de Intensive Care in het Antonius ziekenhuis lag. Hij vertelde mij dat de hele familie meermaals volgens oud Javaans gebruik bijeen is gekomen, om te hopen op en te bidden voor genezing. Geëmotioneerd bood Ismanto zijn oprechte excuses aan dat niemand van de familie in staat was gebleken mij persoonlijk op te komen zoeken om mijn genezing naar oud Javaans (geen idee wat dit inhoudt) gebruik te bevorderen. Ismanto vond oprecht dat de familie hierin te kort was geschoten en hij vond het blijkbaar heel belangrijk mij dit te melden. Ratna vertaalde en ze vertelde daarbij direct dat het voor haar de eerste keer was dat Ismanto als hoofd van de familie zijn excuses aan een familielid aanbood. Ze legde daarbij uit dat het een Javaanse familiegewoonte is om een stervend familielid excuses aan te bieden voor al het mogelijk onrecht dat hij of haar hem of haar heeft aangedaan (zie https://staging.dondorp.nl/rs-panti-rahayupurwodadi/. Elk familielid heeft mij tijdens een laatste familiesamenzijn om mij op afstand te begeleiden tot aan de dood zijn of haar excuses aangeboden en Ismanto hechte er blijkbaar heel veel waarde aan mij de zijne nogmaals aan te bieden en mij namens de familie te vertellen hoe blij en dankbaar de familie is mij in levende lijve terug te mogen zien… Tim Dondorp

    Geplaatst door Godong Indonesie op Vrijdag 3 februari 2023
  • RedDoorz Syariah near Pasar Godong

      Oorspronkelijk zou het vliegtuig naar Semarang vandaag om 10.30 uur vertrekken, maar blijkbaar betrof dit niet ‘Engelse’ maar ‘Indonesische tijd’ (zie https://staging.dondorp.nl/kind-kan-de-was-doen/. In Nederland kreeg ik namelijk al het bericht dat de vlucht drie en een half uur was vervroegd. Aangezien je geacht werd anderhalf uur van te voren aanwezig te zijn, betekende dat dus vroeg opstaan. Het vliegtuig zou vertrekken vanaf Jakarta Soekarno-Hatta Terminal 2E, dus ik moest me daarnaar nog wel vanuit mijn kluis (die zich dus op Jakarta Soekarno-Hatta Terminal 3 bevond) begeven. De skytrain (zie https://staging.dondorp.nl/onderweg-naar-baiyun-guangzhou/ is daar uitermate geschikt voor, maar die reed helaas pas vanaf 6.00 uur ‘Engelse tijd’ (die dan weer wel). Ik had al gezien dat er tussen de drie terminals van Jakarta Soekarno-Hatta nog altijd om de 10 minuten een gratis shuttle bus zou moeten rijden. Na een snelle rekensom had ik de wekker op 4.00 uur gezet (lokale tijd). In theorie zou ik dus vijf uurtjes slaap kunnen pakken, maar helaas werden dit er maar twee. De kluizen waren bijzonder gehorig en elke keer als er weer iemand in- en of uitstapte schrok ik weer wakker en zag ik dat ik nog weer minder te slapen had. Om 3.00 uur lokale tijd besloot ik dat het zo geen zin meer had en ben ik maar opgestaan. Van vermoeidheid waggelde ik met mijn bagage naar de shuttlebushalte die zich tevens op ’Jakarta Soekarno-Hatta T3 Domistic Departers 3’ bevond. Daar ging het weer op zijn Indonesisch: de shuttlebus kwam namelijk helemaal niet opdagen. Doordat ik een uurtje vroeger was dan gepland, had ik gelukkig meer speling en daar was ik hartstikke blij mee. Google (in tegenstelling tot Jeddah’s King Abdulaziz International Airport heeft Jakarta’s Soekarno-Hatta International Airport wel overal free WiFi beschikbaar) vertelde mij dat er ook een betaalde shuttlebus van Bluebird zou moeten rijden. Omdat ik nog wat Indonesisch geld had meegenomen, kon ik zonder eerst geld te hoeven pinnen (ik kon wegens te lange inactiviteit nog niet bij mijn Indonesische BNI bankrekening) in de betaalde versie van de shuttlebus stappen. Bij het AW-restaurantje bij Terminal 2E heb ik snel nog een ontbijtje naar binnengewerkt waarna ik me toch nog naar Gate E4 moest haasten om op tijd te kunnen boarden. De vlucht van Jakarta naar Semarang duurde een uurtje en ik had totaal geen beenruimte (zeker niet vergeleken met de beenruimte die Saudi Airlines biedt), maar meer kan ik over de vlucht eigenlijk niet vertellen: direct na het neerzijgen op kursi (stoel) 15B, ben ik als een blok in slaapgevallen. Broer Purnomo had mij een paar dagen geleden reeds gevraagd wanneer ik precies zou landen in Semarang zodat hij mij kon komen ophalen. Hij zou klaar dan klaar staan om mij naar Godong (de woonplaats van mijn familie) te brengen. Aanvankelijk kwam mij dit niet zo goed uit. Omdat dit de enige keer was dat ik in Semarang zou zijn, was ik namelijk van plan geweest om eerst mijn geboortekampong Sawah Besar (zie https://staging.dondorp.nl/kampung-sawah-besar/ en https://www.facebook.com/watch/?v=998493527736764) te bezoeken. Ik wilde graag een digitale pin zetten op Google Maps en dan precies op de plek waar ik ben geboren. Toen Aris Purnomo aanbood mij af te komen halen van het vliegveld had ik dit plan al snel laten varen. Ik wilde Aris Punromo niet met dit extra bezoek belasten en zo belangrijk was de digitale pin nou ook weer niet. Bovendien was ik nu zo moe, dat ik er toch geen puf meer voor gehad zou hebben. Vol verwachting keek ik dus of ik tussen de wachtende menigte Aris Purnomo kon ontdekken, maar omdat hij naar Indonesische traditie was komen opdagen herkende ik hem niet. Anders gezegd: hij was dus niet komen opdagen. Aan de ene kant jammer, maar aan de andere kant gaf me dat de tijd om een administratief uurtje en wederom een bezoekje aan restaurant AW (ditmaal dan op vliegveld Semarang) in te lassen. Tot noch toe had ik in Indonesië gebruik kunnen maken van de gratis WiFi van de vliegvelden, maar hierna zou ik toch weer via 4G moeten Internetten. Overal kunnen Internetten vond ik een must, met name vanwege de apps Grab (zie https://staging.dondorp.nl/pittige-kost/ en Gojeck. Met deze apps kan ik namelijk altijd vervoer regelen en/ of eten bestellen. Omdat betalingen automatisch worden afgeschreven, hoef ik me daarbij geen zorgen te maken over contact geld en/ of lastige onderhandelingen (prijzen staan van te voren altijd vast). Omdat Internetten via mijn eigen Nederlandse mobiele provider vanwege de hoge kosten die dat met zich mee zou brengen was uitgesloten, moet lokale mobile provider Telkomsel uitkomst bieden. Anders dan de laatste keer dat ik in Indonesië was, heb ik nu een telefoon die eSIM (embedded SIM) ondersteunt. Het grote voordeel daarvan is dat je niet meer een fysiek sim-kaartje hoeft aan te schaffen die je vervolgens fysiek in je telefoon moet installeren. Voor omgerekend ongeveer 10 euro had ik al vanuit Nederland via de Hongkongse website https://www.t-sim.hk/products/indonesia-esim-qr-code… een eSIM gekocht en geactiveerd. Na het configureren van de juiste instellingen kon ik direct via 4G Internetten. Omdat mijn Indonesische bankrekening wegens te lange inactiviteit gedeactiveerd was, bezocht ik net als de vorige keer (zie https://staging.dondorp.nl/onderweg-naar-purwodadi-padi-hotel/ het BNI kantoor op vliegveld Semarang. Daar bleek dat ook de pinpas was verlopen. Mijn rekening werd weer geactiveerd en met een nieuwe pinpas en Internet op zak was ik dan toch echt klaar voor Indonesië. Via grab-drive bestelde ik een taxi welke mij in ongeveer twee uur naar hotel ‘RedDoorz Syariah near Pasar Godong Grobogan’ bracht. Lag het dichtstbijzijnde hotel van de familie eerst nog in Purwodadi (zie https://staging.dondorp.nl/…/indonesie-en…/reizen/reis-2019/, volgens booking.com was er vanaf december 2022 een heus hotel in de kampong van mijn biologische familie. Door de foto’s op booking.com had ik best wel hoge verwachtingen. Zo was op de foto’s te zien dat er een zwembad was, zou de receptie Engels spreken en zouden er standaardkamers en luxe kamers zijn. Uiteraard had ik tegen een meerprijs een luxe kamer gereserveerd, maar deze luxe kamer bleek niet te bestaan. Er waren vier dezelfde type kamers waarvan mij er eentje werd toegewezen. Mijn zwembroek had ik al uitgepakt, maar toen ik het zwembad zag pakte ik hem teleurgesteld weer in: wanneer ik met sokken en al in het zwembad zou gaan staan, dan zou het water tot net aan de bovenkant van mijn sokken reiken. Er waren wel sanitaire voorzieningen, maar deze waren wel des Indonesisch. Dus een toilet dat geen wc-papier kon verdragen, een grote emmer water met een tabo er in en een douchekop waar koud water uit kwam. Daarbij bleek de receptioniste de lokale bewoonster van één van de kamers te zijn en geen Engels te spreken. Hoewel er wel een airco aanwezig was, zou ik liegen wanneer ik zeg dat ik niet teleurgesteld was. Gelukkig kon ik dit gevoel weer snel van me afzetten. Moe als ik was draaide ik de deur op slot, liet ik de boel de boel en dook ik mijn bed in om van 11.00 uur tot 17.00 uur in één ruk door te slapen. Toen ik weer wakker werd, bleek ik helemaal lek gestoken te zijn door LHBTIQ muggen. Nou ja, LHBTIQ, laat ik de muggen voor het gemak maar even lesbisch noemen. Na een kort onderzoek kwam ik er namelijk achter dat ze allemaal uit de kast kwamen. In mijn kamer stond een grote grijze plastic kast, bedoeld om mijn kleding in op te bergen. Maar zodra ik de kastdeur opendeed kwam er een zwerm tijgermuggen naar buiten ‘neven’ (alleen de Friezen onder ons zullen weten wat ik hiermee bedoel) waar je wel ‘U’ tegen moest zoemen. Omdat ik ook lichte aandrang voelde voor een ‘visité de retirade’ (platgezegd: aandrang tot schijten en daar zit dan weer geen woord Frans bij), besloot ik naar mijn favoriete winkel in Godong te lopen (de Indomaret) voor de aanschaf van de volgende levensbehoeftes: Soffell (antimuggen lotion), toiletpapier en een blikje Coca Cola Zero (na alleen nog maar water had ik zin om nu eindelijk eens een keer wat anders te drinken) voor bij het avondeten. Terug in het ‘hotel’ bestelde ik via grab-food een Nasi Goreng Babat met (met de allereerste keer dat ik grab-food gebruikte nog in mijn achterhoofd) het verzoek om een plastic lepel. Het was heerlijk. Toch een beetje teleurgesteld dat ik nog geen familie had gezien of gesproken besloot ik me klaar te maken voor de nacht. Hopelijk kon ik nu flink wat slaap inhalen en zou ik morgen dan eindelijk de familie ontmoeten.

      Geplaatst door Godong Indonesie op Donderdag 2 februari 2023
    1. Digital Airport Hotel Jakarta

      Het blijft me elke weer verbazen hoeveel mensen er in een vliegtuig passen. Bij de gate dacht ik nog: dat gaat nooit passen, maar uiteindelijk bleken er in het vliegtuig naar Jakarta dat er zelfs nog plaatsen over waren. Op een paar ‘Foreigners’ na, kun je wel zeggen dat het vliegtuig helemaal vol met Indo’s zat. De stewardessen waren nog wel hetzelfde gekleed (zelfde vliegtuigmaatschappij) maar ze spraken bijna allemaal Indonesisch. Bijna, want er was één stewardess met een Chinees uiterlijk en die sprak… Chinees inderdaad. Wellicht dat ze op het verkeerde vliegtuig was gestapt. Het vliegtuig vertrok keurig volgens planning om 03.45 uur (lokale tijd). Ondertussen was ik best moe, dus het vliegtuig had nog maar net zijn vleugels uit geslagen, of ik was al onderzeil. Het was buiten ook nog pikdonker en ik hoopte een flink gedeelte van de ruim negen-uur-durende vlucht te kunnen slapen. Nauwelijks was ik dromeland of een stewardess schudt me wakker: “Mas, mas…?” vraagt ze. “Bagaimana Anda ingin sarapan Anda?” Hoe wilt u het ontbijt? Verbaasd kijk ik haar aan en ik dacht nog: “Eh, het is half vijf in de ochtend. Wat dacht je van ‘niet’”? Op dat moment vliegt echter de verlichting in het vliegtuig op een stand waarop ze er bij een verhoor-/ martelkamer in een politiebureau jaloers zouden zijn aan, dus ik hoor mijzelf “Eh, tolong roti. Terima kasih (een beetje brood graag)?” stamelen. De stewardess knikte begrijpend, lachte me vriendelijk toe of uit (wat er in het ontbijt zat dat ze me bracht weet ik niet, maar het was in elk geval geen brood). Het was wel smakelijk en toen ik het langzaam opat bedacht ik me dat het naar Indonesische begrippen ook eigenlijk helemaal niet zo raar is om al om 5.00 uur te ontbijten. Na het ontbijt kon ik de slaap niet meer vatten en ik was dan ook verheugd door het raampje te zien dat het alweer licht begon te worden. Ik klapte mijn televisiemonitor uit om me voor te bereiden op een lange vlucht, toen een andere stewardess (die Chinese versie) me gepikeerd toebeet dat ik geen televisie mocht kijken. Blijkbaar was ze niet alleen op het verkeerde vliegtuig gestapt, maar ook nog eens met het verkeerde been. Op het moment dat ik haar zou vragen waarom dan niet, was ze echter alweer vertrokken. Samen met haar collega’s schoof ze alle luikje voor de ramen dicht en toen dat klaar was gingen alle lichten uit. Ik was blijkbaar de enige die dit vreemd vond, want al mijn buren begonnen zich ‘spontaan’ klaar te maken voor de ‘nacht’. Rare jongens, die Indo’s. Het kwam er op neer dat ik zo goed als de hele vliegreis niet heb kunnen slapen en toen ik eindelijk wel de slaap kon vatten, werden de luikjes weer opengeschoven en ging het licht weer op de verhoorstand aan (‘begrijpelijk’, buiten begon het namelijk alweer donker te worden). Alle Indo’s ontwaakten als zombies in de nacht en ze produceerden daarbij zoveel geluid dat slapen niet meer mogelijk was. Toen we uiteindelijk waren geland op Jakarta was ik dan ook zo moe dat ik zo snel mogelijk naar bed wilde. Gelukkig kon dat: nieuw op Jakarta Soekarno-Hatta (vliegveld Jakarta) is namelijk het Digital Airport Hotel (https://digitalairporthotel.com/gallery). Eigenlijk kun je het geen Hotel noemen. Digitale Airport is een grote ruimte met daarin allemaal kluisjes van twee verschillende formaten: een klein formaat voor je bagage en een groot formaat voor jezelf. Super handig, van ’Jakarta Soekarno-Hatta T3 International Arrivals’ even naar ’Jakarta Soekarno-Hatta T3 Domistic Departers 3’ lopen en je kunt zo je eigen kluis induiken. Dit bleek uiteraard makkelijker gezegd dan gedaan: Digitale Airport stond op geen enkel bord aangegeven en toen ik het uiteindelijk had gevonden was ik alweer een uurtje dwalen verder. Achteraf had ik dus net zo goed ‘ouderwets’ een taxi naar een Hotel hier in de buurt kunnen nemen, maar ik vind het altijd leuk om nieuwe mogelijkheden te proberen dan wel te ontdekken. Het is nu tien uur ’s avonds (lokale tijd). Nu dus zaak om zoveel mogelijk slaap te pakken zodat ik morgen uitgerust naar Semarang kan vliegen. Sampai jumpa besok! Tim Dondorp

      Geplaatst door Godong Indonesie op Donderdag 2 februari 2023
    2. King Abdulaziz International Airport

      De vorige keer vloog ik nog via China naar Indonesië maar gezien de huidige coronatoestanden daar en het gegeven dat ik niet heel goed reageer op corona, besloot ik China deze keer links te laten liggen. Als je dat maar ver en lang genoeg doet, dan kom je blijkbaar in Jeddah (Saoedi Arabië) terecht. Een klein halfuurtje geleden ben ik er geland. Inmiddels is het er middernacht geweest: morgen blijkt dan ook vandaag te zijn. Hier ‘onderweg naar huis’ althans. In Bolsward niet: daar is vandaag nog gisteren. Graag had ik even contact gehad met het thuisfront (inderdaad, zowel met Nederland als met Indonesië): even vertellen dat ik veilig geland ben en hoe het eerste gedeelte van de reis is verlopen. Geloof het of niet: vliegveld Jeddah is het één na grootste vliegveld van Saoedi Arabië, maar er blijkt NERGENS (gratis) WiFi beschikbaar te zijn. Er zijn wel diverse Airport Lounges met toegang tot WiFi Internet, maar dat is enkel beschikbaar voor businessclass reizigers. En dus zit er niets anders op dan 4,5 uur offline te wachten op de volgende vlucht naar Jakarta. De afgelopen dagen hebben velen mij een fijne vakantie gewenst. Heel lief natuurlijk, maar zoals eigenlijk elke reis naar Indonesië zie ik dit niet als vakantie. Dit keer wellicht nog minder dan ‘normaal’. Zoals velen inmiddels wel zullen weten, ben ik ongeveer een jaar geleden uit het ziekenhuis ontslagen. Bijna drie weken mocht ik wegens een coronabesmetting in het ziekenhuis verblijven, waarvan twee weken op de Intensive Care (zie https://staging.dondorp.nl/category/tim-op-ic-sneek/. Nog steeds ben ik, notabene in het zelfde ziekenhuis, aan het revalideren. Fysiek gaat het allemaal de goede kant weer op, maar met name op het cognitieve vlak kreeg ik meer en meer het gevoel dat het stagneerde. Bij Revalidatie Friesland kreeg ik veel tips en veel inzichten die mij aanvankelijk een flink eind de goede kant op hielpen. De laatste tijd kwam ik echter steeds meer tot het inzicht dat de huidige thuissituatie mij op dit moment belemmerde de verkregen tips en inzichten efficiënt en consequent toe te passen. Daarnaast waren mijn gedachtes tijdens en na mijn IC-opname zo vaak bij en in Indonesië, dat ik het gevoel had gekregen daar iets te moeten (al zou ik niet precies weten wat). Daarom dat ik besloten had deze nieuwe reis naar Indonesië te ondernemen. En zo zit ik nu op Jeddah Airport bij gate A10a te wachten tot ik kan boarden. Ik zie altijd uit naar Indonesië, maar tegen de vliegreis zie ik altijd als een berg op. Het eerste gedeelte naar Jeddah is me toch alles meegevallen. Natuurlijk, de vlucht duurde maar zes uren en het grootste gedeelte van nog eens negen uren heb ik nog voor de boeg. Toch ben ik blij dat het eerste gedeelte er alweer opzit. Vliegen met Saoedi Airlines is toch weer een hele nieuwe ervaring, zeker als je naar Jeddah vliegt. Jeddah ligt zo’n 70 kilometer van Mekka en Jeddah airport is dan ook het vliegveld waar Moslims van over de hele wereld naar toe vliegen als ze op bedevaart gaan naar Mekka. Deze vlucht van Amsterdam naar Mekka zat dan ook vol met moslims. Er werd ook meer Arabisch dan Engels gesproken. Tijdens de vlucht zag ik ook menigeen een kleedje uitspreiden om te kunnen bidden tot Allah. Ik heb nog nooit zoveel vliegende tapijtjes tegelijk gezien. Gelukkig is alles en iedereen veilig geland in Jeddah. Ook de hoofden van alle stewardessenwaren waren in doeken gewikkeld en in plaats van dat de veiligheidsvoorschriften werden gedemonstreerd werd er een stuk uit de koran voorgelezen waar ik niets van verstond (blijkbaar volstaat het gebed tot Allah ook voor een veilige landing). Er werd geen alcohol geschonken, kortom veel, zo niet alles, stond in het teken van de Islam. De stewardessen zelf waren verbazingwekkend klein. Ze waren zelfs zo klein, dat sommigen niet eens in staat waren de bagagecompartimenten boven onze hoofden te sluiten. Wat dat betreft hadden eerder genoemde vliegende tapijten best van pas kunnen komen. Inmiddels verzamelen zich steeds meer Indo’s bij gate A10a en heeft het Bahasa Indonesia het Arabisch als voertaal verdrongen. Voor mij een teken dat ik bij de juiste gate zit. Wanneer er iemand tegen mij in het Bahasa begint te praten, besef ik me dat ik toch ‘verder van huis ben’: mijn Bahasa was al niet veel, maar na al die jaren blijkt hetgeen wat er nog zat helemaal weggezakt te zijn. Over iets meer dan een uur zouden we moeten kunnen boarden. Naar verwachting land ik morgen om 17.30 uur lokale tijd (11.30 uur Nederlandse tijd) op Jakarta. Omdat ik in Indonesië pas weer toegang heb tot Internet, zal ik dit verhaal morgen past posten. Wordt ongetwijfeld vervolgd… Tim Dondorp

      Geplaatst door Godong Indonesie op Woensdag 1 februari 2023
    3. Ibu Indonesia

      Gister verlangde ik thuis naar huis zoals nooit tevoren. Vandaag reis ik van thuis naar huis, waar ik ben geboren. Morgen voelt thuis heel dichtbij, maar toch zo immens verloren. Ibu Indonesia: waar thuis ligt zal ik nooit zeker weten, maar Ibu Indonesia, waar ik ook ben ik zal ons nooit vergeten. Ibu Indonesia: voor wie ons liefheeft wil ik heten. Heri Setiono

      Geplaatst door Godong Indonesie op Dinsdag 31 januari 2023
    4. Brand pomp benzine Godong!

      Zes-en-een-half jaar geleden mocht ik samen met Ilse en Joanne voor het eerst naar Ibu's huisje lopen (zie https://staging.dondorp.nl/vlog-naar-ibus-huisje. Ibu had maar één huisje, dus oprecht zou ik kunnen zeggen dat het 'moeders mooiste' was. Niet alleen niet naar de maatstaven van ons (eigenlijk stonden er een paar houten schuttingdelen met een golfplaten dak erboven), maar ook niet naar de maatstaven van mijn broers en zussen. Hoewel familieleden op de Kampong dus betere huizen bezaten, vonden belangrijke familiebijeenkomsten zoals het Suikerfeest 'gewoon' bij 'moeders' thuis plaats (zie https://staging.dondorp.nl/eid-suikerfeest: Ibu was immers de hoeksteen van de samenleving. Dat Nuryati (mijn oudste zus) in het huisje links en Ismanto (mijn oudste broer) in het huisje rechts van Ibu woonden zal ongetwijfeld hebben geholpen, maar toch. Het mag in elk geval duidelijk zijn dat er veel familie herinneringen zijn opgedaan bij en rondom Ibu haar huisje. Dat geldt in zekere zin ook voor mij. Na genoemde eerste keer, mocht ik Ibu nog vele malen bij haar thuis bezoeken. Hoe droevig is het dan ook dat mijn familie me vandaag berichtte dat de huisjes van zowel Nuryati als Ibu tot de grond toe zijn afgebrand. Twee neven van mij waren voor de verkoop op de lokale pasar (markt) loempiavellen aan het koken nabij het beekje waar het afvalwater van het benzinestation langsliep naar sloot die voor het huis van Ibu stroomde. Nu blijkt dat door dit afvalwater illegaal brandstofafval werd gedumpt door het nabijgelegen benzinestation. Bij het koken, viel er een vonk in het afvalwater: er vond een enorme ontploffing plaats waarna alles direct in vuur en vlam stond. Toen de brandweer ter plaatse was is enkel alles op alles gezet om te voorkomen dat het vuur het nabijgelegen benzine station zou bereiken. Naar de huizen van de familie werd niet meer omgekeken en daarmee zijn alle herinneringen aan Ibu, welke na haar sterven van vorig jaar nog altijd in haar huisje lagen, op een lapje stof van het familietenue na vergaan. Hoewel er gelukkig geen gewonden zijn gevallen, is de emotionele en de materiele schade voor de familie groot. Tim Dondorp — Lokaal nieuwsbericht: https://www.murianews.com/…/kebakaran-di-belakang-spbu… Videos: https://www.youtube.com/watch?v=cpcxUSGZiAc https://www.youtube.com/watch?v=YsFDaPCReOk

      Geplaatst door Godong Indonesie op Donderdag 29 december 2022