Ngakan Arnawa, onze buurman en tevens eigenaar van Umah Bali Villa, verscheen ten tonele toen we het ontbijt bijna achter de kiezen hadden: of we al plannen hadden voor vandaag. Om eerlijk te zijn hadden we daar nog helemaal niet over nagedacht. Eigenlijk wilde ik wat rust nemen. De afgelopen dagen waren mij bepaald niet in de koude kleren gaan zitten en ik moet natuurlijk niet vergeten dat ik nog steeds niet (helemaal) van mijn PICS (Post IC Syndrome) en long-covid af ben. Zowel Ngakan Arnawa (vanwege de 50 euro die hij voor een dag chauffeuren vroeg) als Ilse en mijn ouders drongen er echter op aan om vandaag iets te ondernemen. Mijn vader was, mede vanuit zijn vakgebied, erg geïnteresseerd in tempels. Toen Ngakan Arnawa vertelde dat er op Bali zo’n dertigduizend tempels waren, gaf mijn vader aan ze allemaal te gaan bezoeken. Die zien we dus de rest van de vakantie en wellicht zelfs nog een flinke tijd daarna niet meer… Op zich zou ik één tempelbezoek nog wel overleven, maar ik vreesde dat dit niet voor Joanne, Ajanna en misschien zelfs ook niet voor Ilse zou gelden. Zij hadden nog zoveel last van de warmte dat ik mijn ouders vroeg of ze bij een eventuele volgende adoptie de kinderen alsjeblieft uit een wat kouder land (Siberië of zo) wilden halen. Anyway, uiteindelijk besloten we eerst gezamenlijk Abian Desa Rice Terrace, één van de vele rijstterrassen, te bekijken, waarna mijn ouders de Tirta Empul Holy Water Temple zouden bezoeken en wij de Manuaba Waterfall. Zo’n waterval brengt leuke plaatjes op (zie foto’s), maar om er te komen moesten we zo veel klimmen en klauteren in de brandende hitte, dat je mij totaal buiten adem daadwerkelijk kon opvegen toen we bij de verkoelende waterval aankwamen. Het duurde me anderhalf uur om dermate weer op adem te komen dat ik de lange weg om hoog weer kon hervatten. Met name om de kinderen tegemoet te komen (“Alweer rijst?”), bezochten we ’s avonds Warung Makan Beta Bali (hier kon je namelijk ook patat in plaats van rijst bestellen). Hoewel we Ngakan Arnawa vijftig euro hadden betaald om ons de hele dag te rijden, stelde hij dat Warung Makan Beta Bali zo dicht bij was (700 meter van Umah Bali Villa vandaan), dat we dat best konden lopen. Op zich is 700 meter inderdaad te lopen, maar al snel kwamen we er achter dat we deze 700 meter in het donker, met kinderen langs de zeer drukke en vol kuilen en gaten zittende Jalan Raya Kedewatan (de hoofdstraat van Payangan) moesten lopen: werkelijk LEVENSGEVAARLIJK!!! Je moet blijkbaar wat voor een lekkere maal overhebben. De kinderen vonden het eten (patat en gefrituurde kip) erg lekker. Wij volwassenen kozen voor traditioneel Indonesisch eten. Tja, wat zullen we ervan zeggen…: “Wat konden ze schoonmaken, hè…” Omdat lopen ons niet zo goed beviel, namen we een Gojek (Go-car) terug naar ons vakantiehuisje. Grab/ Gojek werkt in Ubud niet zo goed als dat we gewend zijn van Java. Na diverse annuleringen van chauffeurs die er toch geen zin in bleken te hebben, vonden we eindelijk een Gojek chauffeur die bereid was ons naar Umah Bali Villa te rijden. Na een veel te drukke dag en een veel te eh… ‘schone’ maaltijd viel ik uitgeput in slaap.
Geplaatst door Godong Indonesie op Zaterdag 4 mei 2024
Categorie: Familie
-
Ngakan Arnawa
-
Ubud (Bali)
De volgende ochtend werd ik heerlijk uitgerust wakker. Het goede nieuws was dat ik afgelopen nacht ook eindelijk ontlasting had gehad. Ik zal verder niet in details treden, maar nu het éénmaal had gelopen bleef het ook lekker doorlopen ☹. Omdat verder nog niemand wakker was, besloot ik met laptop en al uitgebreid zitting te houden op onze luxe toilet. Gezien het drukke reisschema had ik de afgelopen dagen geen tijd gehad mijn blog bij te houden (de oplettende lezer zal het vast zijn opgevallen dat er een paar dagen lang geen berichten meer werden gepost), maar nu kon ik mooi de laatste dagen die we bij de familie hadden doorgebracht ‘verhalen’ en deze ‘met terugwerkende kracht’ (zoals bekend post ik niet alle verhalen ‘live’) op Facebook posten. Om 7.45 uur hoorde ik gerommel bij het door een groot slot afgesloten toegangshek tot ons huis: er stond personeel om ons dagelijks ontbijt te komen bereiden. Afknijpen en overgaan tot de orde van de dag dus. Het ontbijt was verder prima. We kregen koffie en/ of thee, een bord vol fruit, een bord met nasi goreng en een spiegelei. Voor de kinderen had ik speciaal gevraagd om geroosterd brood. Ik kon op mijn (eigen) vingers natellen wat de reactie van Joanne zou zijn geweest. Na het ontbijt klapte ik in etappes de verslagen van onze laatste dagen met de familie op Facebook. Ik heb serieus getwijfeld om daarna te stoppen met het posten: nu ik niet meer bij de familie ben, merk ik ineens dat het posten me energie kost in plaats dat het me energie geeft. Blijkbaar heb ik tijdens ‘reguliere’ vakantiedagen minder de behoefte om mijn emoties van me af te schrijven. Toch heb ik besloten updates over onze reis te blijven geven, zij het in sterk gereduceerde vorm. Hopelijk volstaat voor jullie dat ik vanaf heden enkel online op een locatie incheck en bijbehorende foto’s plaats? Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Vrijdag 3 mei 2024 -
Nomaden Urban Stay
Ngurah Rai International Airport is best groot. Zeker als je het vergelijkt met Jenderal Ahmad Yani International Airport van Semarang. Dat betekende dus dat we best ver moesten lopen toen we eenmaal geland waren. Helaas bleek dat de wijziging van de taxirit van Denpasar naar Payangan (Ubud) die ik i.v.m. de gewijzigde vlucht had doorgegeven niet doorgekomen te zijn. “Selamat datang di Indonesië,” dacht ik nog. Gelukkig kwam ik op het vliegveld een Bluebird Golden standje tegen. Ter plekke regelde ik een taxirit. Ondertussen hadden mijn ouders bij de bagageband te dealen met een opdringerige porter (kruier). Anders dan bij Soekarno-Hatta International Airport (Jakarta) waar sinds 2017 de services van kruiers officieel gratis zijn (sindsdien worden kruiers betaald door de luchthaven en is het geven van fooi officieel verboden), is het in Denpasar gebruikelijk 10.000 IDR per koffer of 50.000 IDR in totaal te geven. Hoewel de porter meer wilde hebben, ging hij uiteindelijk akkoord met 50.000 IDR. Een goede taxirit van een uur en drie kwartier later, kwamen we aan bij Umah Bali Villa. Wij hebben werkelijk nog nooit in zo’n mooi vakantiehuis(je) gezeten als nu. Vergeleken met het RedDoorZ hotel op de kampong in Godong was het bijna beschamend. Na een hartelijk ontvangst door het personeel, besloten we verder niets meer te ondernemen. We pakten onze koffers uit, we genoten van de rust die ons vakantiehuis ons bood en we lieten alle indrukken van de afgelopen dagen rustig bezinken. Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Vrijdag 3 mei 2024 -
Ahmad Yani International Airport
We waren zo moe, dat ik blij was dat we niet meer, zoals oorspronkelijk gepland, naar Solo hoefden te reizen. Dan zouden we een rit van drie uren voor de boeg hebben gehad. Weliswaar hadden we dan de volgende ochtend meer tijd gehad omdat oorspronkelijke vlucht JT-926 dan om 11.30 uur i.p.v. 7.00 uur zou vertrekken, nu kwamen we in drie kwartier aan bij ons hotel Nomaden Urban Stay (zie https://www.booking.com/hotel/id/nomaden-urban-stay.nl.html). Ik had voor dit vervangend hotel gekozen, omdat het dicht bij het vliegveld lag (ongeveer 4 kilometer) en omdat het slechts 1,3 kilometer van Batik Benang Ratu, een kledingwinkel waar Batikkleding wordt verkocht, lag. Hier was ik eerder geweest en ik slaagde hier wonderlijk wel. Alle Batik-shirts die ik in het verleden voor mijn vader had gekocht kwamen hier vandaan, evenals een jurkje dat ik voor Ajanna had gekocht. Voor we echter naar Batik Benang Ratu gingen, namen we in de lobby van het hotel ook afscheid van Amri en Tia. Wat hebben zij de afgelopen vier dagen veel voor ons betekend. Hierbij bedanken we nogmaals Stichting Ibu Indonesia voor het aanbieden van deze door de Nederlandse overheid gesubsidieerde root-reis. Zeker als je niet alleen, maar een (groter) reisgezelschap bent zijn de diensten van Indonesiatour (https://www.indonesiatour.nl) echt een uitkomst/ must. Joanne en Ajanna waren zo moe, dat zij op onze gezinskamer (wauw, voor het eerst weer met zijn allen samen op één kamer) in ons hotel bleven. Ilse en ik gingen via Grab-car naar Batik Benang Ratu waar we weer slaagden: voor Ajanna, Joanne en Ilse kochten we mooie Batik-jurken en voor mijzelf twee batik-shirts. Het was ‘nog maar 19.45 uur ’s avonds, maar gezien de wekker de volgende ochtend al om 4.00 uur zou gaan (de taxi zou om 5.00 uur klaar staan om ons naar het vliegveld te brengen) gingen we snel terug naar het hotel. Om Joanne en Ajanna tegemoet te komen bestelden we nog even snel via Grab-food een diner bij de Mc. Donalds (vanmiddag zag ik Joanne in ééns op haar vingers tellen waarna ze concludeerde dat ze de afgelopen vier dagen maar liefst twaalf maal rijst had gegeten en dat dat nu wel haar neus uitkwam), waarna we met het hele gezin voor 21.00 uur op één oor lagen. Ruim voor de wekker ging (om 1.30 uur in de ochtend) werd ik echter weer wakker met behoorlijke buikkrampen. Ik begreep onmiddellijk wat er aan de hand was. Sinds ik in Indonesië was had ik nog geen ontlasting gehad en ik had het vermoeden dat al het eten van de afgelopen dagen zo langzamerhand toch ook zijn weg naar buiten zou moeten vinden. Om toch zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van de tijd, besloot ik met mijn mobieltje in de hand mijn bed te verruilen met de toiletpot. Helaas lukte het me nog steeds niet om te poepen, maar toen uiteindelijk om 4.00 uur de wekker ging was het me wel gelukt om voor een ieder van ons online de toeristenbelasting te betalen. Sinds 14 februari 2024 is elke toerist op Bali namelijk verplicht een extra toeristenbelasting te betalen van 150.000 IDR (ongeveer 9 euro). Om 5.00 uur brachten twee grab-taxi’s ons naar Jenderal Ahmad Yani International Airport. Toen we, keurig volgens planning om 7.00 vanuit Semarang opstegen, besefte ik me maar al te goed dat ik de familie weer verliet. Vanaf nu zou de afstand met mijn Indonesische familie alleen maar groter worden omdat wij ons naar een wereld begeven waarnaar mijn familie ons, net als ten tijde van de adopties, onmogelijk zou kunnen volgen. Ik heb gemerkt dat deze reis mij veel energie heeft gekost, terwijl mijn vorige reizen naar Indonesië mij juist veel energie hadden gebracht. Het besef dat een reis naar Indonesië mij veel energie kost, maakt mij onzeker over eventuele vervolgreizen naar Indonesië. De onzekerheid of en wanneer ik de familie weer zou zien stemde mij verdrietig. Hoewel ik uiteraard ook de praktische zaken voor in Bali (vluchten, verblijf, vervoer van en naar het vliegveld) had geregeld, kon ik me anders dan mijn Nederlandse familie nog helemaal niet op Bali toezetten. Voor ons daadwerkelijk vertrek naar Indonesië zijn mijn gedachte ook eigenlijk alleen maar naar het gedeelte dat we bij de familie op de kampong zouden verblijven gegaan. Persoonlijk was ik dan ook het liefst in Godong gebleven. Om 9.20 uur (één uur en 20 minuten later, want Bali heeft een uur extra tijdverschil met Nederland) landde ik dan ook met zeer gemengde gevoelens op Denpasar. Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Donderdag 2 mei 2024 -
Eni
Een zeer geëmotioneerde Ratna achterlatend verlieten we nu toch echt Godong en begaven we ons richting Semarang. Ik had Amri gevraagd naar Kampung ‘Sawah Besar’ te rijden, de Kampong waar ik ben geboren. In verband met de Spoorloos uitzending was Derk Bolt er in 2016 al geweest (zie https://www.facebook.com/timdondorp/videos/1453429078012049) en naar aanleiding daarvan zijn Ilse, Joanne en ik er een jaar later ook geweest (zie https://staging.dondorp.nl/kampung-sawah-besar. Omdat mijn ouders en Ajanna er nu ook waren, wilde ik graag opnieuw ‘Sawah Besar’ bezoeken. Na een rit van een uur en drie kwartier kwamen we in Semarang aan. Omdat we er eerder waren geweest, kon ik Amri snel naar de kampong loodsen. Eénmaal in de kampong, kon ik het huis echter niet meer terugvinden. Daar was ik al een beetje bang voor. Thuis had ik digitaal (via Google Maps) al een paar keer door de kampong gelopen, maar ik kon mijn geboortehuis niet meer terugvinden. Toen Tia aan omstanders begon te vragen, hadden we het echter snel gevonden. Toen bleek ook waarom ik het huis niet meer herkende. Wegens enorme wateroverlast na een overstroming van een paar maanden geleden was het dak gaan lekken. De eigenaar van de woning had daarom de buitenmuren verhoogd en verlengd, daarop een compleet nieuw dak geplaatst en daarna het oude dak verwijderd. Hoe bijzonder was het dat ik Ibu Surip (zie foto) weer tegenkwam: de vrouw die Ibu destijds had geholpen toen ze beviel van Setiawan (Mark) en Setiono (mij) en ik destijds in 2017 ook al mocht ontmoeten. Ibu Surip begon helemaal te huilen toen ze mij zag en ze werd nog emotioneler toen ze ook Joanne en Ajanna zag. Omda ze nog niet wist dat Ibu en Bapak waren overleden lieten we haar de foto's zien van hun graf (met nieuwe grafsteen). Ibu Surip nam ons mee naar binnen en liet ons het kamertje zien waar Mark en ik geboren waren. Stonden er in 2017 allemaal potjes en pannetjes, nu lag er (weer) één groot matras: bij wijze van spreken zou er zo weer een bevalling kunnen plaatsvinden. Na de ‘officiële’ fotomomenten die daarop volgden besloten we weer te gaan. Gezien de warmte waren Ajanna en Joanne reeds naar ons busje gevlucht. Amri had op verzoek de motor van het busje en daarmee, nog belangrijker, ook de airco laten draaien. Vanwege de hitte en alle indrukken verlangden we eigenlijk wel naar ons hotel. Zus Eni had echter met haar man Joko een huis gekocht in Darupono en ik had toegezegd dat we haar in haar nieuwe woning zouden komen bezoeken. Hoewel we dus best moe waren liet ik Amri toch naar Darupono, Puri Delta Asri 9 (Blok D3, nummer 15) rijden. Vanaf mijn geboortekampong een rit van een uur, maar de omgeving was werkelijk prachtig. Voor ons gevoel reden we dwars door de jungle naar Puri Delta Asri 9 (een complete nieuwbouwwijk die dus midden in de jungle uit de grond was gestampt). Het huis van Joko en Eni was een mooi nieuwbouwhuis, zeker vergeleken met de Indonesische maatstaven. Net als in de huizen van Ratna, Purnomo, Sutrisno en aanvankelijk dus ook in Ibu’s nieuwe huisje was er geen stoel, bank of tafel te vinden. Men is hier blijkbaar gewoon om op de grond te zitten, maar voor ons westerlingen die dit niet gewend waren zat het toch wat ongemakkelijk. Eni en Joko hebben beiden een dubbele baan om hun nieuwe huis van 9000 euro te kunnen (af)betalen. Eni heeft een kantoorbaan waar ze verantwoordelijk is voor de loonadministratie en daarnaast wordt ze als zelfstandige dangdut zangeres Anggrek (zie https://www.youtube.com/watch?v=o31FIzNZH2w) graag gehoord en gezien (!) op feestjes en partijtjes. Joko werkt als beveiliger bij een haven in Semarang en is daarnaast geluidstechnicus bij Eni haar optredens. Direct na het allerhartelijkste ontvangst mochten Joanne en Ajanna in de slaapkamer van Eni en Joko spelen: omdat daar een airco-unit hing was het daar namelijk lekker koel. Wij als volwassenen mochten dus op de grond in de woonkamer gaan zitten. Jammer was dat de warme lucht van de airco waar Joanne en Ajanna zoveel profijt van hadden, rechtstreeks bij ons de woonkamer werd ingeblazen. Ondanks de vele ventilatoren waarmee Eni en Joko de gevolgen van deze ontwerpfout probeerden te compenseren, was het zo heet dat het in de woonkamer eigenlijk niet meer gezond vertoeven was. Eni had speciaal voor ons eten gekookt. Naast het bekende familierecept nasi (witte rijst) met groentesoep en een beetje vlees, had ze ook erg haar best gedaan om voor ons ‘kolak pisang’ (een Indonesisch zoet dessert op basis van palmsuiker, kokosmelk, pandanusblad, Goela Djawa en banaan) te maken. Eni gaf daarbij eerlijk aan dat het de allereerste keer was dat ze dit had gemaakt. Tja, wat zou ik ervan zeggen…: wat kan ze zingen, hè… Omdat Ilse door de hitte (of was het door de kolak pisang) onwel dreigde te worden, kondigde ik na het eten snel aan dat we zouden vertrekken naar ons hotel Nomaden Urban Stay in Semarang. Bij het afscheid namen Eni en Joko mij apart om me zeer oprecht en emotioneel te bedanken voor het feit dat Asha (Eni’s zoon) dankzij mij naar school kon blijven gaan. Toen ik zei dat ze toch echt zelf het benodigde geld daarvoor bij elkaar hadden gespaard, begon Eni alleen nog maar harder te huilen. Daarop besloot ik het maar zo te laten. Na zo’n stevige omhelzing van Joko dat ik heel even bang was een beroep te moeten doen op mijn ziektekostenverzekering, was het laatste afscheid van de familie toch echt een feit… Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Donderdag 2 mei 2024 -
Ratna Zaenuddin
Toen we waren uitgecheckt bij RedDoorZ, bezochten we Ratna thuis. Ratna woont ook op de kampong, maar niet in hetzelfde ‘straatje’ waar Rina, Nuryati, Ismanto woonden en Arti’s oude huisje en Ibu’s nieuwe huisje zich bevonden. Ik vond het daarom leuk om mijn Nederlandse familie ook te laten zien hoe en waar Ratna woonde. Daarnaast zouden we op ziekenbezoek en wilde ik me ervan vergewissen dat Ratna haar motor nog wel bezat. Dat behoeft wel enige uitleg. Een maand geleden was Ratna haar man Abi betrokken bij een motorongeluk. Hierbij brak hij zijn sleutelbeen waarvoor hij geopereerd moest worden. De kosten van de operatie waren hoog (500 euro) en moesten direct bij het verlaten van het ziekenhuis betaald worden. Zoals vaker het geval is geweest bij de familie, braken deze medische kosten de familie op (medische kosten lagen zelfs, al dan niet gedeeltelijk, ten grondslag aan de adoptie van Mark en mij, zie https://staging.dondorp.nl/interview-ibu-maryati. Omdat Ratna en Abi de rekening niet direct konden betalen, heeft zus Eni met pijn in haar hart de rekening voorgeschoten. Dit deed ze van het geld dat ze had gespaard om haar zoon nu, maar ook in de toekomst naar school te kunnen laten gaan (hoewel onderwijs in Indonesië tot en met de onderbouw van de middelbare school gedeeltelijk gesubsidieerd wordt door de overheid, is het zeker niet gratis). Dit bracht de nodige spanningen tussen Eni en Ratna, met name omdat Ratna en Abi zich niet tegen ziektekosten hadden verzekerd bij de BJPS (zie https://staging.dondorp.nl/rs-panti-rahayu-purwodadi: er werd te weinig verdiend om de maandelijkse premie daarvoor op te kunnen hoesten. Omdat Eni de toekomst van haar zoon ook belangrijk vond, eiste ze van Ratna dat ze het bedrag dat ze haar had voorgeschoten snel zou terugbetalen. De enige optie voor Ratna om dit te kunnen doen, was door haar motor te verkopen. Vlak voor mijn reis naar Zweden (dus nog in Nederland) greep ik daarom in. In overleg met Ilse stelde ik de familie voor dat ik Eni’s lening aan Ratna over zou nemen en dat ik Ratna meer tijd zou geven om de lening terug te betalen. Omdat het hier niet om een gift voor een individueel familielid ging maar ‘slechts’ om een lening, ging de familie akkoord. Ik maakte daarom rechtstreeks 9.000.000 IDR (iets meer dan 500 euro) over aan Eni. Dat is voor ons ook echt veel geld dat we ook eigenlijk niet kunnen missen, maar mochten we het geld niet van Ratna terugkrijgen dan hoeven we niet onze auto te verkopen of onze kinderen van school te halen. We werden hartelijk door Ratna ontvangen. Hierbij wees ze zelf al naar haar motor en ze bedankte Ilse en mij openlijk en in mijn ogen veel te uitgebreid en te onderdanig voor onze hulp. Na een bord nasi (witte rijst), met meerval, soep en groenten namen we afscheid. Bij het afscheid was Ratna helemaal in tranen en daar werd ik ook een beetje verdrietig van. Ik moest weer een beetje lachen toen ik zag dat Ibam een sticker van Friesland (deze sticker zat op een kaart die in de zakjes snoep zaten die we voor de kinderen hadden gemaakt) op de voordeur had geplakt. Zo lieten we toch een stukje Friesland achter in Godong… Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Woensdag 1 mei 2024 -
Laatste dag op de kampong
Vandaag werd ik toch met een ‘kucing’ (kleine kater) wakker: hoewel we vandaag nog Ratna en Abi en ook Eny en Joko thuis zouden bezoeken, hadden we gisteravond na de familiebijeenkomst in Ibu’s nieuwe huisje reeds afscheid genomen van de rest van de familie. De meeste familieleden waren gisteravond namelijk weer ‘pulang’ (naar huis) gegaan. Vandaag is het maandag en de meesten moesten daarom weer aan het werk. Met onze eigen planning had ik daar ook rekening mee gehouden: gezien het drukke (werk)schema van de familie had ik bedacht dat het qua interactie met de familie het efficiëntste zou zijn om het weekeinde bij de familie op de kampong te verblijven. Dit was relatief kort (eigenlijk maar twee volle dagen). Zowel Ilse als de familie in Indonesië vroegen zich van te voren af of we niet een paar dagen langer konden blijven. Omdat ik al vaker weken op de kampong heb verbleven wist ik echter uit ervaring dat contactmomenten met de familie door de week, weliswaar intens fijn, maar spaarzaam zouden zijn. Bovendien had ik ingeschat dat de paar dagen in Godong mijn familie (deze keer doel ik op de ‘Nederlandse tak’) bepaald niet in de koude kleren zou zitten (zowel letterlijk als figuurlijk). Gezien de korte tijd dat we bij de familie waren legden we best veel (familie)bezoeken af. Onder ‘normale omstandigheden’ zou dit al intensief genoeg zijn geweest, maar de immense hitte die zwaar en continu op de gemoedsrust van sommigen onder ons drukte maakte het allemaal nog intensiever. Joanne en Ajanna gedijden maar zeer korte tijd buiten de door de airco verkoelde RedDoorZ hotelkamer en ook Ilse was reeds een keer bezweken onder de hitte. Lang verhaal kort: vandaag was dus onze laatste dag op de kampong. Voor het merendeel van mijn familie (de Nederlandse tak althans) een opluchting, voor mij toch wel een moment waar ik tegenop had gekeken. Omdat we voor 12 uur moesten uitchecken bij RedDoorZ, besloten we vandaag wat dichter naar de Indonesische standaard (qua tijd dan) op te staan. We wilden namelijk nog in de ochtend graag ontbijten bij een lokaal straattentje en daarna Pasar Godong (de lokale markt) bezoeken. Zo kwam het dat Ilse, mijn ouders en ik rond een uur of acht ’s ochtends door de kampong liepen om een ontbijtje te scoren. Eerder vertelde ik al wat voor effect pa met zijn verschijning te weeg bracht op de kampong, nu Ilse en mijn moeder ook mee waren kon je gerust wel spreken over effect 2.0. Zo liep een schoolgebouw vol met kinderen ‘spontaan’ leeg, toen wij daar niets vermoedend langs liepen (zie foto’s). Na een hartelijke begroeting vol gevraagde en ongevraagde fotomomenten vluchtten we een ieniemienie warung in voor ons welverdiende sarapan (ontbijt). Een warung is een klein lokaal restaurant waar de lokals eten. Eigenlijk was dit geen warung, maar meer een straattentje aan huis. Ook hier werd ons bezoek erg gewaardeerd. We werden zeer hartelijk ontvangen. Althans, dat dachten we, want van het Javaans konden we niets maken. De lokals lachten in elk geval vaak en vooral zenuwachtig en hard. Wel werd ons ontbijt met plezier voor ons klaargemaakt. Ik had nog de term ‘Pedas sedang, terima kasih’ laten vallen, maar toen het ontbijt werd geserveerd (iets met groente, rijst en een beetje vlees in een bananenblad) zag ik de stoom uit de oren van Ilse en van mijn ouders komen. Een snelle blik op Google translater leerde mij dat ‘Pedas sedang’ niet zoals ik dacht ‘een klein beetje pittig’, maar ‘gemiddeld pittig’ betekent. Weet ik dat ook weer. Voor Pasar Godong gold hetzelfde als voor de Kampong. Alleen zou ik er niet zijn opgevallen, maar omdat Ilse en mijn vader mee waren stond de Pasar op zijn kop. Ik meende zelfs te zien dat de dode, kaal geplukte kippen die bij een standje lagen te wachten tot ze verkocht zouden worden hun hangende kopjes nog ophieven om ons te kunnen zien. Vanuit alle verborgen hoekjes en standjes werden de meest onverwachte foto’s van ons geschoten. We waren opzoek naar batik-kleding, maar helaas slaagden we er niet echt. Dat kon niet gezegd worden van een lokale ‘oude’ (hoewel mijn vader verreweg de oudste leek te zijn op de hele kampong en daarbuiten, noemde hij iedereen die er bovengemiddeld oud uit zag ‘oud’) verkoopster. Deze verkoopster hield een heel pleidooi bij mijn vader en hoewel hij er niets van begreep, voelde hij zich verplicht één grote fles water van haar te kopen. De verkoopster wilde geen wisselgeld geven, maar ‘adviseerde’ mijn vader een tweede grote fles water en groente en fruit bij haar te kopen. Twee grote flessen water, een grote zak fruit maar een illusie en iets meer geld dan van te voren ingecalculeerd armer togen wij terug naar ons hotel om onze tassen in te pakken en uit te checken. Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Woensdag 1 mei 2024 -
Terug bij het graf…
Normaliter begint het leven hier om een uurtje of vijf in de ochtend, maar afgelopen week was het zelfs al om kwart over vier. De Azaan (oproep tot het gebed) schalt dan door de speakers van de moskee die schuin tegenover ons hotel staat over de kampong. Ik word er altijd wakker van. Meestal val ik daarna wel weer in slaap, maar vanochtend kon ik de slaap niet meer vatten. Ik besloot een rondje over de kampong te lopen. Zeker ten opzichte van de temperatuur hier midden op de dag (36 graden) was het nog lekker ‘koel’ (26 graden). Anders dan de vorige keer toen ik in hotel ReddoorZ verbleef, had ik nu veel meer interactie met de lokals. De vorige keer was ik natuurlijk alleen en alleen val ik hier op de kampong niet zo op. De afgelopen dagen liep ik natuurlijk met een blanke blonde vrouw, twee half blanke dochters en westers uitziende ouders rond. Elke vorm van anonimiteit kun je dan uiteraard wel vergeten. Mocht mijn vader in Nederland soms al ‘opvallend verschijnen’, hier op de kampong spant hij echt de kroon. Wanneer hij door de kampong loopt, spreekt hij zoveel mogelijk lokals aan. Dat doet hij overigens ‘gewoon’ in het Nederlands. Toen ik wat later deze ochtend met mijn vader naar een straattentje om de hoek liep om een ontbijtje te halen, hoorde ik hem ‘Dua kopi, graag zonder suiker’ zeggen. In de koffie die we daarop kregen voorgeschoteld bleek zoveel suiker te zitten, dat ik me als diabeet oprecht afvroeg of het niet eens tijd werd de premie van mijn levensverzekering te verhogen. Want ja. Als ik al koffie drink, doe ik dat onder ‘sociale druk’ (eigenlijk lust ik helemaal geen koffie) en nu de koffie weigeren vond ik niet echt sociaal. Het contact met de lokals beviel mijn vader blijkbaar zo goed, dat hij besloot zich door een lokale kapper te laten knippen. Ik heb daarop Gino (de man van zus Rina) gevraagd mijn vader mee te nemen naar een kapper in de kampong. Gino was erg verbaasd over het verzoek en ook Amri zei over het verzoek van mijn vader ‘Not common’, maar het verzoek van mijn vader werd ingewilligd. Toen Gino met de motor kwam om mijn vader mee te nemen zei ik hem niet te lachen: (“Dat doen wij wel als hij terugkomt”), maar bij terugkomst viel het resultaat mij alles mee. Althans, wat betreft het kapsel. Om eerlijk te zijn was ik zelfs wel een beetje jaloers. Voor we naar Indonesië vertrokken, waren wij met zijn allen naar de kapper geweest á 23 euro per persoon. Mijn vader had nu 80 cent betaald. Zo gek zijn zijn ideeën toch nog niet. Wat mijn vader verder precies gezegd of gedaan heeft weet ik niet, maar het resultaat daarvan was blijkbaar wel dat elk kind dat we vanaf nu tegenkwamen hard ‘Opa Ajanna, opa Ajanna!’ riep en naar mijn vader wees. Toen mijn vader terugkwam van de kapper, was het tijd om naar het graf van Ibu en Bapak te gaan. Onder een ware motorescorte van familieleden reed Amri ons in zijn busje naar de begraafplaats in Klambu. Daar aangekomen bleek dat veel familieleden zich reeds hadden verzameld: Anik (zus), Eni (zus) en haar man Joko (zwager), Ratna (zus) en haar man Abi (zwager), Risal (neef: de jongste zoon van zus Nuryati), Aris Purnomo (broer). Met ons erbij, maakte dat we best met veel mensen op de begraafplaats waren. Aris Sutrisno (broer) was er helaas niet bij. Hoewel ik dat ook niet had verwacht, merkte ik toch dat ik dat jammer vond. Zus Anik ging ons voor in (Islamitisch) gebed. Het is niet de eerste keer dat ik dergelijke rituelen mag meemaken en hoewel ik nog altijd geen woord begrijp van wat er gezegd wordt, heb ik hierbij altijd tranen in mijn ogen. Op mijn verzoek (omdat hij dominee, toch ook mijn vader is en omdat hij vanochtend de kapper had bezocht vond ik dat hij ‘hiervoor geknipt was’) heeft ook mijn vader voor ons bij het graf gebeden. Gewapend met een emmer cement en een schepje legde Aris Purnomo en Risal vervolgens de nieuwe grafsteen bij waarna we allen zagen dat het goed was (zie foto’s). Het oude huisje van Ibu en Bapak is vorig jaar bij de brand in het tankstation (zie https://staging.dondorp.nl/brand-pomp-benzine-godong helemaal afgebrand. Met geld dat het tankstation beschikbaar stelde is er een nieuw huisje gebouwd. Naar aanleiding van mijn bezoek vorig jaar (zie https://staging.dondorp.nl/nieuw-huis-ibu hebben Lin, Emelie en ik een airco en een ventilator voor dit nieuwe huis aangeschaft en laten installeren. Het idee was dat de familie zo het huisje kon verhuren om extra inkomsten voor de familie te genereren. Af en toe wordt het huisje inderdaad verhuurd, maar omdat het huisje ongemeubileerd is gebeurd dat veel minder dan wenselijk is. Wanneer het huisje niet verhuurd wordt, wordt het met name door de jongere generatie als thuisbasis gebruikt. Na het bijplaatsen van de nieuwe grafsteen, zou de familie daarom samenkomen in het nieuwe huisje van Ibu. Terug op de kampong besloot ik mijn vader mee te nemen naar een plaatselijke meubelzaak. Gisteren was het mij namelijk opgevallen dat het nieuwe huisje van Ibu, op het matras dat de familie van het geld dat ze blijkbaar van Mark had gekregen had gekocht, nog steeds ongemeubileerd was. Tijdens mijn vorige bezoeken aan Indonesië was het mij al opgevallen dat bepaald soort meubilair (lees tuinmeubilair) zeer betaalbaar is hier. Of dat ook de reden is dat men hier binnenshuis eigenlijk altijd meubilair heeft dat wij in Nederland alleen in tuinen, balkons, serres plaatsen weet ik niet, maar het leek mij heel mooi om de familie samen met mijn ouders een meubelset cadeau te geven. Mijn vader en ik kochten voor 2,2 miljoen IDR (ongeveer 120 euro) een mooie massief houten meubelset waarvoor je in Nederland met gemak het tienvoudige zou betalen. We spraken met de winkel af dat de meubels dezelfde avond nog bezorgd zouden worden. Inderdaad werden de meubels tijdens de familiebijeenkomst van die avond gebracht. Wat was de familie er blij mee! Het werd een zeer gezellige en geslaagde familiebijeenkomst waarbij cadeautjes (stroopwafels en snoep uit Nederland en Zweden voor de familie en cadeautjes van de familie voor Joanne en Ajanna) over en weer gingen. In mijn ogen kreeg mijn moeder echter het grootste cadeau van ons allemaal: zij werd door de familie gepromoveerd tot de nieuwe Ibu. Hiermee gaven mijn broers en zussen aan Annemarie niet alleen als mijn moeder, maar ook als hun eigen moeder te beschouwen. Bij dezen dan ook mijn felicitaties aan 'mijn moeder': ik denk dat het maar voor weinig zeventigjarigen is weggelegd om op één avond maar liefst 11 kinderen te krijgen… Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Zondag 28 april 2024 -
Aris Sutrisno
Gisteren schreef ik al dat vandaag een spannende dag zou zijn. Vandaag zou ik namelijk Aris Sutrisno bezoeken. Sutrisno woont in Klambu, twee minuten van de begraafplaats vandaan waar Ibu en Bapak begraven liggen (zie https://staging.dondorp.nl/beleefdheidsnormen. De begraafplaats heb ik meerdere malen mogen bezoeken. Iets langer dan een jaar geleden bezocht ik de begraafplaatst voor het laatst. Anders dan de eerste keer dat ik de begraafplaats bezocht (zie https://staging.dondorp.nl/radjimans-graf had ik vorig jaar (zie https://staging.dondorp.nl/graf-van-bapak-en-ibu moeite de graven van Ibu en bapak zelfstandig te vinden. De namen van Bapak en Ibu zijn niet in de grafstenen gegrafeerd, maar met watervaste stift op de steen aangebracht. Desondanks zag ik vorig jaar dat de namen van Bapak en Ibu door de regen van de steen waren afgespoeld (zie https://www.facebook.com/photo/?fbid=568016788700987&set=pcb.568014938701172). Je zou kunnen stellen dat ook op deze begraafplaats alles vergankelijk is, ik stel liever dat het leven doorgaat, zelfs op deze begraafplaats. Vorig jaar verdroot het mij te zien dat de namen van Bapak en Ibu letterlijk waren verwaterd. Het voelde alsof er een stukje identiteit van mijn ouders en daarmee ook een stukje van mijn broers, zussen en mijzelf was weggespoeld. Daarom heb ik mijn familie gevraagd of er een nieuwe grafsteen geplaatst mocht worden, ditmaal met de namen van Bapak en Ibu erop gegraveerd. De familie vond dit goed, waarop ik in overleg met de familie, samen met Lin en Emelie een nieuwe grafsteen voor Ibu en Bapak heb besteld/ gekocht in Indonesië. Er was wel een ‘kleine uitdaging’. Broer Aris Sutrisno is de beheerder van de begraafplaats waar dus ook Ibu en Bapak begraven zijn. Hij zou daarom toestemming moeten geven voor het plaatsen van de nieuwe grafsteen. Die toestemming zou ik zelf aan Aris Sutrisno moeten vragen. De familie had namelijk al een jaar geen contact met Sutrisno, omdat Sutrisno volgens mijn familieleden ‘een beetje anders dan zij’ was. Vanochtend zouden we Sutrisno bezoeken, onder andere dus om toestemming te vragen voor het plaatsen van de nieuwe grafsteen. Dit bezoek was één van de redenen dat ik Ibu Indonesia had gevraagd te helpen. Omdat er geen contact tussen de familie en Aris Sutrisno was, had de familie aangegeven mij niet te kunnen vergezellen. Dat zou communicatie lastig, zo niet onmogelijk maken. Gelukkig hadden we nu Amri en Tia mee. Het bezoek aan Aris Sutrisno vond ik bijzonder. Sutrisno haalde herinneringen over de adoptie van zowel Setiowan (Mark) en Setiono (mij) als van Nur Hidayah (Lin) en Nur Kasanah (Emelie) op. Sutrisno is altijd verteld dat zijn broertjes en zusjes door een oom zouden worden opgevoed. Sutrisno vertelde dat hij die oom vaak bezocht om zijn broertjes en zusjes te ontmoeten, hoe hij ze daar nooit aantrof en hoe zijn oom hem, ondanks zijn vele verzoeken om informatie, nooit vertelde wat er met Setiowan, Setiono, Nur Hidayah en Nur Kasanah is gebeurd. Nu weet Sutrisno dat wel en hij bedankte mijn (adoptie)ouders dat ze mij zo goed hadden opgevoed 😊 . Omdat mijn intenties goed waren, gaf Sutrisno toestemming voor het bijplaatsen van de nieuwe steen. Dit moest wel eind ‘siang’ (rond 13.00 uur, of te wel: op het heetst van de dag) gebeuren. Op de vraag of Sutrisno bij het bijplaatsen van de steen aanwezig zou zijn, kreeg ik geen duidelijk antwoord. Wanneer een vraag in Indonesië ontweken wordt, kan dit meestal als een ontkenning (‘Nee’) worden beschouwd. Dat zou ik jammer vinden. Misschien wel tegen beter weten in, had ik gehoopt dat het bijplaatsen van de nieuwe grafsteen de familie weer wat dichter bij elkaar zou brengen. We zullen zien hoe het morgen loopt. Na ons bezoek aan Sutrisno bracht Amri ons weer terug naar Ibu’s huis. Veel familieleden waren daar reeds aangekomen en als voorproefje op de geplande familiebijeenkomst van morgen werden we uitgenodigd daar met de familie wat te eten. Het was een hartelijk en gezellig weerzien. Wat dat betreft beloofde dat veel goeds voor de grote familiebijeenkomst van morgen. Joanne en Ajanna hadden veel bekijks in de kampong. De ah’s, oh’s en cantiks (schoonheden) waren niet van de lucht en ook de wandelende witte melkflessen van Ilse die zich zomaar ‘in het wild’ door de kampong begaven, deed menig local (stiekem) bewonderend omkijken. Na de lunch, trokken wij ons even terug in onze gekoelde hotelkamer om onze nodige rust te pakken. Rond een uur of 15.00 vroeg ik aan Amrin ons naar de Lewis Mall te brengen in Purwodadi. Purwodadi is de hoofdstad van district Grobogan, het district waar ook Godong zich in bevindt. In 2019 heb ik Purwodadi uitgebreid verkend (zie https://staging.dondorp.nl/…/indonesie-en…/reizen/reis-2019 tijdens een rootreis waarbij ik op zoek was naar een stukje van mijn identiteit buiten de familie om. Toen ben ik vaak in Lewes Mall geweest en later dat jaar zijn Ilse, Ilse haar ouders, mijn ouders en de kinderen er ook geweest (zie https://staging.dondorp.nl/oud-en-nieuw-in-purwodadi. Daarom leek het ons leuk om daar weer eens naartoe te gaan. De verwachtingen waren hoog gespannen (in het verleden hebben we er vele leuke kleertjes voor onze meiden mogen kopen), maar vandaag de dag bleken de meiden eigenlijk overal uitgegroeid te zijn. Ajanna vond nog wel een ‘trouwjurk voor later’ (zie foto) en Joanne besloot uit armoede maar toe te geven aan haar meest recentste verslaving: buble-thee… Moe maar voldaan kwamen we ’s avond terug in ons hotel. Dan denk je rustig te kunnen gaan slapen, maar dan ontvang je een mailtje van Traveloka met daarin de welbekende mop van dat vliegtuig dat op 30 april aanstaande Mr. Dondorp, Mrs. Dondorp, Ms. Donndorp, Ms. Dondorp, Mr. Dondorp, en Mrs. Dondorp van Solo naar Denpasar (Bali) zou vliegen: die ging dus niet (meer). Betreffende vliegtuigmaatschappij Lion Air had het vliegticket gecanceld. Ik heb eigenlijk nooit de humor van dergelijke moppen ingezien, zo ook deze keer niet. Om nu met zijn allen naar Bali te zwemmen aankomende dinsdag, dat zag ik toch echt niet zitten. Een snelle online zoektocht leerde mij dat er voor de hele dinsdag geen vliegtickets meer beschikbaar waren vanaf Solo. Gelukkig was er nog wel één vlucht naar Denpasar beschikbaar vanaf Semarang. Uiteraard waren deze tickets wel duurder, maar het was me wel wat waard om niet door de Indische oceaan naar Bali te hoeven zwemmen. Gelukkig waren we nog precies op tijd om ons hotel in Solo kosteloos te kunnen annuleren. Snel weer een vervangend hotel geboekt in Semarang, de chauffeur die ons vanaf Denpasar naar Ubud zou brengen verteld dat de verwachte aankomsttijd is gewijzigd en Reisbureau Dondorp & Go kon weer een uurtje-factuurtje schrijven. Sampai jumpa besok! Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Zaterdag 27 april 2024 -
Stichting Ibu Indonesia
De oplettende lezer zal het zich al vast hebben afgevraagd: een binnenlandse vlucht van Jakarta naar Semarang, waarom dan naar Terminal 3? Binnenlandse vluchten van Jakarta vertrekken immers bijna allemaal vanaf Terminal 2. Hoewel onze taxichauffeur geen (oplettende) lezer is van deze Facebookpagina, vroeg hij het zich wel hardop af. Het antwoord is echter simpel: iedere keer wanneer ik Indonesië binnenkom, moet ik mijn BNI account wegens te lange inactiviteit heractiveren. Normaliter doe ik dat altijd op het vliegveld van Semarang, maar we zouden er landen om 15.10 uur. Omdat alle bankfilialen in Indonesië na 15.00 uur gesloten zijn, had ik van te voren thuis al uitgezocht dat er op het vliegveld van Jakarta bij Terminal 3 (Gate 5) ook een BNI kantoor was. Dit kantoor bevindt zich vlak bij de Skytrain, dus na het bezoek aan het BNI kantoor togen we via de Skytrain alsnog naar Terminal 2 om het vliegtuig naar Semarang te pakken. Zonder bloedende neuzen of medepassagiers die zich fysiek en verbaal tegen je keerden omdat ze eerder dan jij het vliegtuig wensen te verlaten terwijl ze een rij achter je zitten, kwamen we dan eindelijk aan op Achmad Yani, het vliegveld van Semarang. Ik heb het wel vaker hier gezegd, maar landen op Semarang voelt pas echt als ‘thuis landen’. Dat gevoel ken ik niet wanneer ik land op Jakarta. Zoals gezegd, voel ik (al dan niet terecht) een grote verantwoordelijkheid onze reis goed te laten verlopen voor mijn reisgezelschap. Daarom had ik reeds in een vroeg stadium van de voorbereidingen besloten hulp te vragen aan Stichting Ibu Indonesia. Stichting Ibu Indonesia is een stichting die zich net als Stichting My Roots inzet voor de belangen van Indonesische geadopteerden en tevens geadopteerden helpt bij het zoeken naar biologische familie. Hoewel de missie van beide stichtingen overeenkomsten hebben, spreken de visie, de in mijn ogen veel professionelere werkwijze en de wijze van communicatie van stichting Ibu Indonesia mij echter veel meer aan. Sindskort is het voor geadopteerden uit Indonesië mogelijk om via Stichting Ibu Indonesia vijf dagen lang gebruik te maken van een door de Nederlandse overheid gesubsidieerde tolk/ gids (zie https://www.adoptie-indonesie.nl/rootsreis-voor…). Ons bezoek aan mijn Indonesische familie dit jaar leek mij hiervoor uitermate geschikt. Op 23 september jl. bezocht ik daarom een informatiebijeenkomst van Stichting Indonesia om mij over de mogelijkheden te laten informeren. Daar mocht ik ook Pardi van https://indonesiatour.nl (de lokale partner met wie Stichting Ibu Indonesië samenwerkt) ontmoeten. Samen met hem en Stichting Ibu Indonesia namen we de plannen door. Hoe bijzonder was het om Pardi hier in Semarang samen met zijn collega’s Amri (chauffeur) en Tia (tolk) te ontmoeten. Amri en Tia zullen ons de komende vier dagen helpen met het vervoer en de communicatie van en naar de Indonesische familie. Ik ben zo blij en dankbaar met en voor hun hulp. Op Semarang stonden ze ons al op te wachten met een prachtig klein busje dat voldoende ruimte biedt voor 10 personen en al hun bagage. Van het vliegveld reden we naar Boja om ons eerste familiebezoek af te leggen. In Boja woont broer Aris Purnomo (twee jaar ouder dan ik), maar ik noem hem altijd Purnomo omdat ik naast Purnomo nog twee andere Arissen (Aris Sutrisno) en Aris Sulystio) heb. Met Purnomo heb ik wel de meeste klik (men zegt dat ik ook et meeste op hem lijk, zowel innerlijk als uiterlijk) en ik probeer Purnomo ook altijd wel te bezoeken. Het bezoek was kort, maar wel heel gezellig. We waren nog maar net binnen, of Hidaya (Purnmo’s vrouw) ging er samen met Joanne en Ajanna op de motor vandoor. Officieel om air putty (water) te halen, maar uiteraard ook om de kampong te laten getuigen van haar ‘internationale betrekkingen’. Na de kennismaking, het gezellig bijkletsen en de ‘officiële’ fotomomenten (zie foto’s) volgde alweer het hartelijk afscheid. Twee uur later reden we dan eindelijk de kampong van de familie op om bij hotel RedDoorZ in te checken. De kamerindeling en de bagage aan de rest overlatend spoedde ik mij met mijn vader naar Indomaret voor de eerste noodzakelijke boodschappen (lees: toilletpapier, Soffel tegen de muggen, een en drinken). Toen we terug kwamen bij het hotel lagen Ilse, Joanne en Ajanna al in het zwembad. Omdat ik zelf te moe was om er bij te gaan liggen, besloot ik te gaan slapen. Morgen zou het een spannende dag worden en deze wil ik zo uitgerust mogelijk aangaan. Tim Dondorp
Geplaatst door Godong Indonesie op Vrijdag 26 april 2024